Boekgegevens
Titel: Jakob de jagersjongen
Auteur: [niet beschikbaar]
Uitgave: Gouda: G.B. van Goor, 1e helft 19e eeuw *
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5547
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201056
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Engelse letterkunde
Trefwoord: Vertalingen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Jakob de jagersjongen
Vorige scan Volgende scanScanned page
10 JAKOB , 1)E JAGERSJONGEN.
Jakob. Appels, jonge heer !
George. Maar als u nu eens iemand
vroeg, o;u een paard of een zak met
geld te stelen, zoudt gij het dan ge-
daan hebben ?
Jakob. O neen, jonge Heer! dat
denk ik niet.
George. Gij meent, geloof ik, dat het
stelen van appels zulk eene groote
zaak niet is.
Jakob zweeg en liet het hoofd han-
gen; ten laatste verzekerde hij, dat hij
geloofde, juist geen groot nadeel hier-
door toe te brengen, wanneer andere
menschen zulk een overvloed van ap-
pels hadden.
»Zoo, jakob!" zeide george; »maar
gij kent toch het gebod: zult niet
hegeeren al wat uws naasten is. Ik
herinner mij nog, dat ik, nog pas
vier jaren oud zijnde, eens eenen ap-
pel van mijne mama wegnam, en ook