Boekgegevens
Titel: Kort begrip der bijbelsche geschiedenis: een schoolboek voor de jeugd
Auteur: Verwey, Bernardus
Uitgave: Leyden: D. Du Mortier en zoon
Deventer: J.H. de Lange
Groningen: J. Oomkens, 1813
Maatschappij: Tot nut van 't algemeen
4e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 9204
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201033
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Bijbelse geschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort begrip der bijbelsche geschiedenis: een schoolboek voor de jeugd
Vorige scan Volgende scanScanned page
50 BIJBELSCHÏ
j. i. w. werd naar de voorfchriften van den Gods-
«59«— dienst. — Van god zeiven verordend tot
rigter, behaalde hij op de FilijUjnen, (na-
dat ze reeds van zelve de verbondsark had-
den terug gezonden,) eene volkomene over
winning, ondernemende dit volk, zoolang,
SAMUÊL leefde, niet weder iets t^en Israel.
S A M u ë I. nam- zijn ambt met de ulcerlle
naauwkeurigheid waar, reisde zel/e door
het land, om elk regt te verfchalfen, en
maakte zich dus bij iedereen bemind.
In zijnen ouderdom, alles niet -meer kun
nende waarnemen, ftelde hij zijne zonen
tot medehelpers aan; welke echter, Tilet
zoo braaf a!s hun vader zijnde, bij het volk
den wensch deden opkomen, om eene an
dere foort vnn regering, en, gelijk hunne
naburen, eenen Koning te hebben.
Zoo hield dan thans de regering dei
Regters, die vijftien in getal geweest
waren, en welke meer dan 300 jaren ge-j
•duurd had, b\j het einde van dit tijd-j
vak, op (♦>
Gods- XIII. Wat nu den Godsdienst betreft
zid^n Z Tot aan dtn dood jozua's bleef dezelve zur
dit lijd- ver; hij was nu meer door voorfchriftengere
geld, en het uitwendige aan vaste tijden ei
aan eene heilige plaats verbonden. —
Reeis nu en dan kwam er<wel bij het voll
eene Aiging tot afgoderij, welke zij it
££ypte gezien liadden, boven. — Goi.
ftuitte. echter dit kwaad altijd in de be
ginfelen. - Na den dood vanjosuAVer,
vielen de hrailiten, door het voorbeek
tier Kênahniten, - gedurig tot de afgoderij"
zelff
(*) I jAjyiuëL I-VIU.