Boekgegevens
Titel: Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1886
5e dr
Opmerking: I: De Oudheid. II: Middeleeuwen en Nieuwe Tijd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5487
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201029
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Vorige scan Volgende scanScanned page
69
weldra was liet omgekeerd, en beschouwden de stad-
houders zich als schatplichtige vorsten, die niet zelden
elkander beoorloogden, iets, waarover men zich dan
aan het hof verheugde, als een middel om de macht
der trotsche satrapen te fiiuiken.
De wetenschappen waren in het uitsluitend bezit der
magiërs. Van de geneeskunde wisten zij zoo weinig,
dat de Perzen zich gewoonlyk van vreemde genees-
heeren bedienden, en met de aardi-gkskunde was het
zoo gesteld, dat men ten tijde van Darius I aan het
hof nauwelijks wist, dat Athene en Sparta bestonden.
Den tijd konden ze niet behoorlijk verdeelen. Toen
Darius I aan de Joniërs bevel gaf, hem twee maanden
aan den Donau te wachten, wist hij zich niet anders
uit te drukken, dan door hun een riem te geven met
zestig knoopen erin, waarvan er iederen dag één moest
worden losgemaakt.
Evenals by de andere oostersche volken, was de
maatschappelijke toestand der vrouw een zeer onder-
geschikte. De veelwijverij vond in 't algemeen wel af-
keuring, maar toch werd aan de vrouw de eisch ge-
steld, haar echtgenoot als een god te vereeren.
De Perzen hebben weinig geleverd op het gebied
van wetenschap en kunst. Deze konden zich dan ook
niet verheffen in een land, waar alles moest strekken
om een despoot te verheerlijken. Hunne bouw-en beeld-
houwkimst is eene voortzetting van de Babylonische,
waarmede de zuilenbouw en het gebruik van marmer,
aan de Grieken in Klein-Azië ontleend, vereenigd wer-
den. Merkwaardig zijn de ruïnen der paleizen en de
in de rotsen uitgehouwen en met hooge, uitspringende
voorgevels versierde koningsgraven van Persepölis, als-
mede het op last van Darius T op de rotsen van Bisoe-
toen (ten W. van Tehëran) gebeitelde spijkerschrift,
dat den roem van Ahoera-mazda vermt^ldt. — Meer