Boekgegevens
Titel: Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1886
5e dr
Opmerking: I: De Oudheid. II: Middeleeuwen en Nieuwe Tijd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5487
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201029
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Vorige scan Volgende scanScanned page
39
Babyloii schatplichtig. Bij den rijken buit, dien hij uit
deze streken huiswaarts bracht, bevonden zich paarden,
die toen in Egypte nog onbekend waren.
Sedert Eamses II, insgelijks een groot, maar tevens
een verwaand krijgsheld, begon de staat weder achter-
uit te gaan. Ofschoon verscheidene zijner opvolgers
voortgingen krijgstochten naar Syrië en Ethiophië te
ondernemen, slaagden de hoogepriesters van Amnion
te Thebe er langzamerhand in, zich van de regeering
meester te maken. Hun gezag werd echter gefauikt
door eene nieuwe dynastie, die haar zetel te Bubastis
in de Delta vestigde (980 v. C.). Om hun gezag te
versterken stelden de koningen te Bubastis gewoonlijk
hun oudsten zoon tot hoogepriester van Ammon te
Thebe, en andere zonen en bloedverwanten tot stad-
houd(;rs over de verschillende nomen of provinciën aan.
Die stadhouders wisten humie waardigheid erfelijk te
maken, en daardoor werd Egypte onder een twintigtal
kleine vorsten (dodekarchie) verdeeld, die wel afhan-
kelijk waren van den koning, maar toch tot zooveel
twist en burgeroorlog aanleiding gaven, dat Shabak,
de koning van Ethiopië, het gansche rijk veroverde en
den titel van koning van Egypte aannam. Hij zette de
vorsten, die de nomen bestuurden, niet af, maar bracht
hen terug tot den rang van stadhouders. Nadat de
Ethiopiërs eene halve eeuw over Egypte hadden ge-
heerscht, wist Psamtik I, de stadhouder van Saïs, hen
te verdrijven en zich als stichter der XXIVste dynas-
tie tot koning te verlieffen. Hij bracht Egypte in een
goeden staat van tegenweer, deed de kunsten herleven
en herstelde de verwaarloosde wegen en kanalen. Daar
hij liet voor zijne onderdanen voordeelig achtte met
de ontwikkelde, bedrijvige Grieken in aam-aking te
komen, stond hij dezen in het Noorden van de Delta
grond af om er handelskantoren te vestigen. Ook ver-