Boekgegevens
Titel: Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1886
5e dr
Opmerking: I: De Oudheid. II: Middeleeuwen en Nieuwe Tijd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5487
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201029
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Vorige scan Volgende scanScanned page
j
121)
i de oorlog stemt, terwijl hij de behagelijke volheid van
■ het dagelykseh levensgenot rooft, als een ruw leermees-
j " ter, de gevoelens der menigte overeenkomstig de tegen-
I ■ woordige omstandigheden."
■j Terwijl dus de burgeroorlogen Griekenland teister-
I den, brak de oorlog tusschen Athene en Sparta reeds
weder in 418 v. C. uit. Op aandrang van den talent-
vollen, maar karakterloozen Alkibiädes, entegen den
] raad van Nikias, zonden de Atheners eene sterke vloot
j naar Sicillië, om Egeste tegen Syracuse, eene Dorische
I volkplanting, by te staan. Nog eer het beleg voorlaatst-
I ' genoemde stad was geslagen, vluchtte Alkibiades, om-
I dat hy beschuldigd was de Hermesbeeiden te hebben
• verminkt, naar de Spartanen, die hy met goeden raad
I tegen zijn vaderland diende. In den aanvang waren de
[ Atheners voorspoedig, maar toen Syracuse van Sparta
j ' hulp had gekregen, ging hmine vloot, de schoonste, die
I ooit den Peiraieus had verlaten, verloren.
1 i De oorlog werd nog eenigen tijd met afwisselend
geluk voortgezet, totdat het in 404 v. C. den sluwen
Spartaanschen vlootvoogd Lusandros gelukte, de vloot
der Atheners bij den Aigos Potämos geheel te verslaan,
en daama hunne stad in te nemen. Hij slechtte de
muren tusschen de haven Peiraieus en de stad, vernie-
tigde de democratie, en stelde een bestuur aan van
dertig tirannen. Wel dum-de hunne strenge en wreede
heerschappij slechts acht maanden, want daarna werden
zy door Thrasuboulos verdreven en de vi'oegere regee-
ringsvorm zooveel mogelyk hersteld, maar Athene's
macht en gi'ootheid waren voor goed gebroken. De
werklust verslapte. De krygsdienst werd meer en meer
aan huurlingen overgelaten, en het uitdeelen van gel-
den en het verstrekken van maaltijden aan de armen,
hetwelk in de dagen van Perikles somtijds noodzakelijk
was geweest, werd nu eene schadelijke gewoonte. De