Boekgegevens
Titel: Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Amersfoort: A.M. Slothouwer, 1886
5e dr
Opmerking: I: De Oudheid. II: Middeleeuwen en Nieuwe Tijd
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5487
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201029
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Wereldgeschiedenis, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der algemeene geschiedenis voor eenigszins gevorderden
Vorige scan Volgende scanScanned page
rotsblokken. Niet ver van daar vindt men ook nog de
leeuwenpoort van Mukëne, die uit twee gehouwen op-
staande steenen bestaat, waarop eene dekplaat rust, die
een steen met twee ruw gewerkte leeuwen draagt.
De zeehandel ging met zeeroof gepaard. Gemunt
geld was of niet, of althans zeer weinig in gebruik.
Iemands rijkdom werd naar de grootte zijner akkers
en het getal zijner kudden afgemeten. Veelal werd het
rund als eenheid aangenomen om de waarde van iets
te bepalen.
De Grieken van dien tijd stelden zich de aarde voor
als eene platte schijf, omstroomd door den oceaan, waar-
aan de zee en de rivieren haar water ontleenden. Zij
waren bekend met de kusten van Griekenland en van
Klein-Azië, alsmede met de 'voornaamste eilanden van
de Egeïsche Zee. V^at daar buiten lag, was voor hen
onzeker en nevelachtig.
De Pelasgen vereerden op de wijze der Ariërs na-
tum-krachten, aan welke noch verstandelijke of zedelijke
eigenschappen, noch eene menschelijke gedaante werden
toegekend. Op heilige bergen (die in Thessalië en die
in Elis heetten beide Olumpos) otferden zij aan Zeus,
den hemelgod. Bovendien vereerden zij andere goden,
zooals Pan, een lichtgod, den god der weiden, en fetishen
(heilige boomen en steenen) benevens dieren, die later
aan de goden zijn gewijd, zooals de arend van Zeus,
de uil van Athene, de wolf van Apollon, enz. Sommige
heiligdommen van Zeus werden tot in latere tijden in
eere gehouden, zooals de tempel te Dodöna inEpeiros,
waar de opperste god zijn wil te kennen gaf in het
ruischen der bladeren van den heiligen eik of in den
kunstmatig nagebootsten donder. Aan den tempel waren
priesters verbonden, die zich nooit de voeten wieschen
en den grond tot legerstede gebruikten; men vond er
ook pi'iesteressen.