Boekgegevens
Titel: Beknopte geschiedenis der Nederlandsche bezittingen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1876
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5389
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201007
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Nederlandse koloniën, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopte geschiedenis der Nederlandsche bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
44
slechts 400 Europeanen , kwamen voor Boelêling (1846). Wel-
dra was eene versterkte kampong in onze macht en kwamen
de vorsten van Bleling en Karang Assam tot onderwerping.
Dewijl echter de vorsten van Bali op nieuw nalatig waren
in het nakomen der verdragen, was er in 1848 reeds eene
tweede expeditie noodig. Eene krijgsmacht van 2000 man,
waaronder 800 Europeanen, viel zonder genoegzame verken-
ningen te hebben gedaan eene geduchte sterkte der Bali-
neezen aan, en stiet zoodanig het hoofd, dat zij terug moest
trekken.
Nu was eene derde expeditie onvermijdelijk. Onder aan-
voering van gen. maj. Michiels landde een leger van 5000
man en ruim 300 koelies op Bali. Reeds waren, vooral
door het vastberaden gedrag van majoor De Brauw, de voor-
naamste vorsten van Bali onderworpen, behalve die van Klon-
kong, welke, met de hoogste geestelijke waardigheid bekleed
zijnde, den eersten rang onder hen innam, toen door diens
troepen het Nederlandsch leger in een duisteren nacht werd
overvallen. Wel sneuvelde Michiels, doch de aanval werd
krachtig afgeslagen, en het opperbevel overgenomen door
den Lt.-kolonel Van Swieten. Deze opende onderhandelingen
met den vorst van Klonkong, welke echter tot niets leidden.
Hij ging daarom weder tot den aanval over, vermeesterde
eene sterkte, en was gereed Klonkong zelf aan te ta.sten,
toen de vorst zich kwam onderwerpen. De Nederlandsche
regeering liet den eisch tot vergoeding der oorlogskosten
varen en beloofde geene sterkten op Bali aan te zullen leg-
gen, noch zich in de binnenlandsche aangelegenheden te
mengen, zoolang de vorsten zich aan de tractaten hielden.
63. Het ontdekken van rijke steenkolenmijnen op de Oost-
en Zuidkust van Borneo had Rochussen aanleiding gegeven
de betrekkingen met de vorsten dier streken uit te breiden.
Op de Westkust baarden de Chineezen voortdurend groote
moeilijkheden, daar zij weigerden belastingen te betalen en op
groote schaal sluikhandel dreven. Zij houden zich daar hoofd-