Boekgegevens
Titel: Beknopte geschiedenis der Nederlandsche bezittingen
Auteur: Kollewijn, A.M.
Uitgave: Groningen: J.B. Wolters, 1876
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5389
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_201007
Onderwerp: Geschiedenis: algemene wereldgeschiedenis; geschiedenis van grote gebiedsdelen, bevolkingsgroepen en beschavingsgebieden: algemeen
Trefwoord: Nederlandse koloniën, Geschiedenis (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopte geschiedenis der Nederlandsche bezittingen
Vorige scan Volgende scanScanned page
32
velen tot vijanden maakte, verving Napoleon I hem door
Janssens (1811).
47. Deze was bezig toebereidselen te maken om den naam-
dag des Keizers (15 Aug.) luisterrijk te vieren, toen de En-
gelschen eene landing op Java deden. Ten gevolge van het
slecht nakomen zijner bevelen werd het leger, dat hij om
Batavia bijeen had gebracht, door de Engelschen in den
veldslag bij Meester Cornells geheel uiteengejaagd. Nog
trachtte hij zich bij Samarang te verdedigen; doch vruchte-
loos. Weldra zag hij zich genoodzaakt Java aan de Engel-
schen over te geven.
Lord Minto, de gouverneur-gen. van Britsch Indië, stelde
Raffles (1811—1816), wegens zijne bemoeiingen om de En-
gelsche expeditie voor te bereiden en zijne kennis van land
en volk, tot luitenant-gouverneur van Java aan. Om het
bezit van dat eiland aan Engeland te waarborgen, achtte
Raffles het in de eerste plaats noodig, den Engelschen
naam in den O. 1. Archipel geëerd en bemind te maken,
en daarom hield hij bij de vele hervormingen, die hij in 't
bestuur bracht, steeds de belangen der inlanders in 't oog.
Hij schafte de contingenten af, verving den gedwongen ar-
beid door landrente, te betalen in een gedeelte van den
oogst, en beperkte den invloed der inlandsche hoofden, die
hij echter gebruikte voor het handhaven der orde, waar-
voor zij eene belooning in land en geld ontvingen. Tot
hoofden van het binnenlandsch bestuur stelde hij Europe-
anen als residenten aan. Elke residentie was verdeeld in
districten (thans regentschappen), ieder onder een inlandsch
regent. Voor hetgeen in de dessa's voorviel, waren de
dessa-hoofden verantwoordelijk. Raffles ging verder zooveel
mogelijk den slavenhandel te keer, zocht, hoewel met geen
gelukkigen uitslag, de financiën te verbeteren door den ver-
koop van gronden, en hield de koffie-cultuur, door Daendels
over geheel .lava verspreid, in stand.
Het Bataviaasch Genootschap van Kunsten en Wetenschap-
-iJfir»