Boekgegevens
Titel: Christelijke lesjes: eerste aanleiding tot godsdienst-onderwijs
Auteur: Beets, Nicolaas
Uitgave: Utrecht: Kemink & zoon, eind 19e eeuw *
6e dr; 1e uitg.: 1843
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5334
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200984
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Geloofsleer, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Christelijke lesjes: eerste aanleiding tot godsdienst-onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
17
III. Vrouwe, zie uw zoon; — zie uwe moeder.
En nu bidde ik u, vrouwe, dat wij elkander lief-
hebben. En dit is de liefde, dat wij wandelen naar
zijne geboden. 2 Joh. 5, 6. *
IV. Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij Mij
verlaten.
Ik ben verzekerd, dat noch dood, noch leven, noch
engelen, noch overheden, noch machten, noch tegen-
woordige, noch toekomende dingen, noch hoogte, noch
diepte, noch eenig ander schepsel ons zal kunnen scheiden
van de liefde Gods, welke is in Christus Jezus, onzen
Heere. Rom. VHI : 38, 39.
V. Mij dorst.
Jezus zeide: Zoo wie zal gedronken hebben van het
water, dat Ik hem geven zal, dien zal in eeuwigheid
niet dorsten; maar het water, dat Ik hem geveu zal,
zal in hem worden eene fontein van water, springende
tot in het eeuwige leven. Joh. IV : 14.
VI. Het is volbracht.
Laat ons onszelven reinigen van alle besmetting des
vleesches en des geestes, voleindigende de heiligmaking
in de vreeze Gods. 2 Cor. VII : 1.
VII. Vader, in uwe handen beveel ik mijnen geest.
Maar wij zien Jezus met heerlijkheid en eere ge-
kroond, die een weinig minder dan de Engelen gewor-
den was, van wege het lijden des doods, opdat Hij
door de genade Gods voor allen den dood smakep zoude.
Hebr. 11:9. '-^'wTv:
Beits, Christ. Lesje.'.