Boekgegevens
Titel: Christelijke lesjes: eerste aanleiding tot godsdienst-onderwijs
Auteur: Beets, Nicolaas
Uitgave: Utrecht: Kemink & zoon, eind 19e eeuw *
6e dr; 1e uitg.: 1843
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5334
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200984
Onderwerp: Theologie, godsdienstwetenschappen: godsdienstige opvoeding
Trefwoord: Geloofsleer, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Christelijke lesjes: eerste aanleiding tot godsdienst-onderwijs
Vorige scan Volgende scanScanned page
16
Judas. (Lebbeus, Thaddeus.) Judas, niet de Iscariot,
zeide tot Hem: Heere, wat is het, dat gij U zeiven aan
ons zult openbaren, en niet aan de wereld? Joh. XIV: 22.
Simon Cananites.
Judas Iscariot. Judas Simons zoon Iscariot, deze
zoude Hem verraden, zijnde een van de twaalve. Joh.
VI : 71.
Zelfs hij, op wien ik voormaals heb vertrouwd,
Miju vree- en dischgenoot,
Verhief zijn hiel, en sloeg mij fier en stout,
Terwijl hij at mijn brood. Psalm XLI: 5.
VEEETIENDE LESJE.
Deze zeven woorden heeft Jezus aan het kruis gesproken:
I. Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat
zij doen.
II. Heden zult gij met Mij in het Paradijs zijn.
III Vrouwe, zie uw zoon; — zie uwe moeder.
IV. Myn God, mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten.
V. Mij dorst.
VI. Het is volbracht.
VIL Vader, in uwe handen beveel ik mijnen geest.
I. Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat
zij doen.
Wordt van het kwade niet overwonnen, maar over-
wint het kwade door het goede. Rom. XII : 21.
II. Heden zult gij met Mij in het Paradijs zijn.
Ik heb begeerte om ontbonden te worden, en met
Christus te zijn, want dat is zeer verre het beste.
Filippensen 1: 23.