Boekgegevens
Titel: Beknopte aardrijkskunde van Europa en de werelddeelen
Auteur: Kleijn, A.A.; Schutte, G.
Uitgave: Utrecht: H. Honig, 1897
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 5316
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200982
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: geografie van de aarde
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beknopte aardrijkskunde van Europa en de werelddeelen
Vorige scan Volgende scanScanned page
bl
tclijk de woestijn Kalahari in. AVaar de rivieren van de
hoogvlakte door die randgebergten breken, vormen zij water-
vallen en stroomversnellingen. Eenige dier gebergten in het
Zuiden zijn: de Zwarte bergen, de Karroebergon,
het Drakengebergte. In de Oostelijke randgebergten
verheffen zich in de streek van den evenaar de hoogste
bergtoppen van Afrika: de K e n i a en do K i 1 i m a n d s j a r o.
§ 71. Rivieren. In de Middellandsche Zee stort zich
uit: de N ij 1, die onder den naam van AV i 11 e n N ij 1
ontspringt uit het Victoria-Nyanza; hij neemt links
de Bahr-ol-Grhazal (Gazellen rivier) op, voreenigt zich
bij Khartoem met den Blauwen Nijl, die van het
bergland van Abessinie komt en neemt later nog rechts de
At bar a op. Aan den mond vormt hij een groote delta.
(Jaarlijksche overstrooming der rivier; oorzaak daarvan,
vruchtbaarheid van het Njjldal).
In den Atlantischen Oceaan: de Senegal, de Gam-
bia, de Niger met de B i n o w é, de Gong o, dio uit hot
Bang we oio-meer ontspringt, (bekende watervallen in
deze rivier zjjn: de Stanley-vallen en de Jellala-
vallen); de Oranje-rivier met do Vaalrivicr.
In den Indisciien Oceaan: de Limpopo of Kro-
kodillen-rivieren, de Zambesi, die de groote A^ic-
tOria-Watervallen vormt.
Meren. In 't Noordon: de Sjots van Tunis en Algiers.
In Soedan: het Ts ad-me er; in Abessinië: het Tsana-
meer; op de zuidelijke hoogvlakte : het A' i c t o r i a- en
Albert-Nyanza, het Tanganji ka-me er, het Ban-
g w e 01 o-m e e r, het N j i a s s a-m o e r en het N g a m i-m e er.
§ 72. Klimaat. Afrika heeft wegens zijne ligging in
de tropische gewesten een hooge temperatuur (gemiddeld
30° C.). Een scherpe tegenstelling met deze hitte vor-
men de lage nacht-temperaturen. De warmste streken lig-
gen ten Noordon en ten Zuiden van den evenaar. Men
heeft er een nat en een droog jaargetijde. Ilet natte
jaargetijde heerscht ten Noorden van den evenaar van
October tot April, ten Zuiden daarvan van April tot October.
De meeste regen valt in Zuid-Oost Soedan, in de streek
der gi-oote meren en het noordelijke Congo-bekken. Zeer