Boekgegevens
Titel: Beginselen der goniometrie en regtlijnige trigonometrie, en berekening der oppervlakken en inhouden van ligchamen, benevens vraagstukken en oefeningen ter toepassing
Auteur: Kempees, J.C.J.
Uitgave: Breda: Broese & Comp, 1857
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-342
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200969
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Goniometrie, Trigonometrie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der goniometrie en regtlijnige trigonometrie, en berekening der oppervlakken en inhouden van ligchamen, benevens vraagstukken en oefeningen ter toepassing
Vorige scan Volgende scanScanned page
58
VooHüuiiLU. Zij (jegvven a=3l2, 6 = 215 en c = 18o el.
Wij zullen hier alleen hoek A berekenen, daar liel vinden der
andere hoeken op dezelfde wijze geschiedt. Bezigen wij daartoe dc
(ornuile :
fin. J J = |/
[s^U) [s—c]
bc
dan koïiiL dc bewerking te staan als volgt:
2s = a-i-6+c= 710
s— 555
s —6= 140
fi —c= 172
log. b = 2,55244
log.c— 2,26245
log.{s — b)= 2,14615
log,{s — c)=z 2,25555
(opt.
som=z 4,58166
(opt.
..................... 4,59480
-(aftr.
t)ersc/it7 = 19,78077—20
2)-
log. sin. J /I = 9,89559—10
-lA= bl°28W
dus : A = 102°5r.
Aanmeukinget«. 1°. opdat onder de gegevens een driehoek bestaan
kunne , moet de som der twee kleinste zijden grooter zijn dan de
derde (Beg. der Meetk., § 64, 5°.).
2°. Wanneer men elk der hoeken afzonderlijk berekent, zal het
meestal gebeuren, dat hunne som niet juist 180° bedraagt: dit wordt
veroorzaakt door het verwaarloozen van het en de volgende de-
cimaalcijfers bij het bezigen van logarithmen.
c. Berekening der inhouden van drie- en vierhoeken,
en cirkelsegmenlen.
§ 41. Wanneer wij den inhoud eens driehoeks ABC (Fig. 8 en 9)
door ƒ voorstellen; dan is (Beg. der Meetk. § 162):
ƒ = I AB X CD ;