Boekgegevens
Titel: Beginselen der goniometrie en regtlijnige trigonometrie, en berekening der oppervlakken en inhouden van ligchamen, benevens vraagstukken en oefeningen ter toepassing
Auteur: Kempees, J.C.J.
Uitgave: Breda: Broese & Comp, 1857
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-342
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200969
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Goniometrie, Trigonometrie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der goniometrie en regtlijnige trigonometrie, en berekening der oppervlakken en inhouden van ligchamen, benevens vraagstukken en oefeningen ter toepassing
Vorige scan Volgende scanScanned page
2S
4®. Gegeven zijnde si, vraagt men a te bepalen.
Wij vinden in de (afel :
0,45088 = sin. en 0/*51 U= sin. 20^1)' ;
en daar de gegeven sinus lusselien deze Iwee in ligt, zoo zal ook «
lusschen 2G"48' en gelegen zijn. liet verschil dor in de tafel
gevonden sinussen bedraagt 20 eenheden van den rang des laatsten
decimaalcijfers, cn dat van sin. 26"^8' en sin.a bedraagt 9 zulke
eenheden; dus stellen wij ons de vraag: )\'an7iecr sin. 26®48' of
0,4^)088 met 20 der genoemde eenheden aangroeit, om in 0,4511/1 over
te gaan, groeit de boog van 2C"48' met 1' of CO'' seconden aan; met
hoeveel zal dan die boog aangroeijen, wanneer zijn sinvs, om in den
gegevenen over te gaan , 9 zulke eenheden grooter wordt t Deze vraag
geeft aanleiding tol de cvenredi,",heid:
2ö:9:=:r)0":x;
waaruil: a; = 2I" bijna.
Derhalve is: « = 2ö'48'2l";
eu, daar een hoek en zijn supplement denzelfden sinus hebben,
bovendien :
a = 180" —20''4.8'2t"=: 155") 1'39".
2". Gegeven zijnde log. sin. a = 8,08120—10, vraagt men a te bepalen.
Wij vinden in de tafel :
y,(iS104—10 = log. sin. cn 8,08148 —10 log. sin. 2»45'10".
Door eene dergelijke rodeneering als in 'l voorgaande voorbeeld,
welke de lezer wol in overeenstemming met de gegevens zal wijzigen ,
komen w ij tot de evenredigheid:
waaruit: x = 5''.
Derhalve is: « =
en bovendien : a = 180® —= 177®U'55".
5®, Gegeven zij)ide lang. a z^z—0,500(50, vraagt men a te bepalen.
De gegeven tangens is nogaliot', derhalve is a stomp; deze negatieve
langens wordt in de tafel niet gevonden, maar wel de even groote
positieve. Wij nemen nu in aanmerking , dat :
tang. (180» — a) — — tang. a = 0,50000
is; en vinden in de tafel:
0,50040 = tang. 2ö®55' en 0,50070 = tang. 2C"50';