Boekgegevens
Titel: Beginselen der goniometrie en regtlijnige trigonometrie, en berekening der oppervlakken en inhouden van ligchamen, benevens vraagstukken en oefeningen ter toepassing
Auteur: Kempees, J.C.J.
Uitgave: Breda: Broese & Comp, 1857
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-342
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200969
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Goniometrie, Trigonometrie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der goniometrie en regtlijnige trigonometrie, en berekening der oppervlakken en inhouden van ligchamen, benevens vraagstukken en oefeningen ter toepassing
Vorige scan Volgende scanScanned page
11
wij in § 1Ü4 van de Beginselen der Stelkunst (i'^® Stukje) aanvoerden ♦
dat een veranderlijk gelal zeer goed nul kan worden , zonder daarom ,
na nul geweest te zijn, van toestand te veranderen.
§ 10. Wat eindelijk do koorde betreft, verbeelde men zieb, dal,
terwijl het beweegbare been MP (Fig. 2) om het punt M draait,

levens de snijlijn RK'
om het punt A draait,
en wel zoodanig , dat
zij steeds door het ver-
anderlijk punt C blijft
gaan , waarin het Imï-
weegbare been den cir-
kel-omtrek snijdt. Daar-
bij zal men bevinden,
dat dc koorde altijd ge-
meten wordt op dc be-
weegbare snijlijn KK',
en wel van het punt A
als standvastig begin-
punt tot aan het veran-
derlijk snijpunt C. Zoo
buig dc veranderlijke hoek OMP scherp is, wordt de koorde van het
punt A af op dat gedeelte AK der snijlijn gemeten , dat bij den aanvang
der beweging naar boven gerigt was; zij is dan blijkens het aangenomen
beginsel (§ 8) positief: de koorde zal dus negatief zijn , wanneer zij van
liet punt A af op liet gedeelte AK' der snijlijn gemeten wordt, dat bij
den aanvang der beweging naar beneden gerigt was, cn 'twclk wij tot
meerdere duidelijkheid in onze figuur gestippeld hebben. Zoo b. v.
is de koorde positief voor alle hoeken, gelegen tusschen O" cn 560";
fnaar negatief voor alle hoeken, die tusschen 500" en 720" liggen,
alsmede voor de negatieve hoeken, welke tusschen 0^ en —500"
liggen. Uit dc figuur wordt verder gemakkelijk afgeleid, dat:
koordeiy^ = 0, koordedO-— Aoon/c 180" — 2 , koorde 270' = \/'2,
koorde 500"= O, koorde 450" = — J/2 is, enz,
% 17. Bij bet veranderen van den bock OMP, verplaatsen zich dc
vcj andcrlijkc eindpunten F cn D van den sinus on cosinus voort-