Boekgegevens
Titel: Beginselen der goniometrie en regtlijnige trigonometrie, en berekening der oppervlakken en inhouden van ligchamen, benevens vraagstukken en oefeningen ter toepassing
Auteur: Kempees, J.C.J.
Uitgave: Breda: Broese & Comp, 1857
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-342
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200969
Onderwerp: Wiskunde: meetkunde: algemeen
Trefwoord: Goniometrie, Trigonometrie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Beginselen der goniometrie en regtlijnige trigonometrie, en berekening der oppervlakken en inhouden van ligchamen, benevens vraagstukken en oefeningen ter toepassing
Vorige scan Volgende scanScanned page
72
c. Berekening der inhouden va« drie- cn vierhoeken, en cirkelsegmenlen.
lyi. Den inhoud eens driehoeks Ie berekenen, wanneer gegeven is:
10. «:rz:0,987, 6 = 2,3^0 CU 115'>20'20" (§ ) ;
2°. rtz=lö,9 B = 33n2W en .1= 47<'12' (§42);
5°. a=583, 6 = 480 en J= 33«19'47'' (§ 43) ;
4«. a=385, 6 = 416 en c=209 (§44).
.)5. Bereken den inhoud van een parallelogram, waarvan de Iwee
verschillende zijden 135 en 93 el lang zijn, terwijl de ingesloten
hoek 127°10'20" telt (§ 46).
Den inhoud eener ruit te berekenen, welker zijde 0,237 el lang
is , terwijl een van hare hoeken 77o40' telt (§ 46).
57. De diagonalen eens vierhoeks zijn 16 en 37 palm lang, en snijden
elkaar onder een hoek van 43°; boe groot is zijn inhoud? (§ 47).
58. Den inhoud te berekenen van een cirkelsegment, dat op een boog
van 37°10' staat, terwijl zijn straal 3 palm lang is (§ 48).
d. Toepassing der Irigonomelrie op eenige vraagstukken uit
de werkdadige meetkunst,
§49.
59. VVat zijn dc verriglingen oj) het terrein, om gegevens tc ver-
zamelen tot het berekenen der hoogte van cenig voorwerp?
60. Hoe moeten die vcrrigtingcn gewijzigd worden, wanneer men
den voet van dit voorwerp niet genaken kan?
61. Wat zijn dc verrigtingen op het terrein, om gegevens tc verza-
melen tot het berekenen van den afstand van een punt A tot
oen ongenaakbaar punt B ?
62. Hoe moeten deze vcrrigtingcn gewijzigd worden , wanneer heidr
punten ongenaakbaar zijn ?
63. Wat zijn de verrigtingen op het terrein, om gegevens te ^er-
zamelen tot het berekenen der breedte eener rivier ?
ALC.EMEEXE HEBHALIXG.
64. Men vraagt de vojkomen naauwkcurigc waarden te berekenen
der goniometrische lijnen van een boog van 45".