Boekgegevens
Titel: Leerboek der cosmografie
Auteur: Hoorweg, J.L.
Uitgave: Utrecht: gebr. van der Post, 1874
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-314
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200874
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der cosmografie
Vorige scan Volgende scanScanned page
46
waren tijd optetellen, om den middelbaren tijd te vinden.
Alleen moet men er dan opletten dat de opgave der tijds-
vereffening alleen geldt voor de plaats waarvoor zij gemaakt
is, in de Connamance des Temps b. v. voor Parijs; dat men
dus, op een andere geografische lengte zich bevindende, eerst
den tijd op dien der bedoelde plaats moet terugbrengen. Voor
deze herleiding is aan 't begin dezer paragraaf een regel
opgegeven.
Volgens dezen is, als het b. v. te Petersburg, dat op 27°
58° 13' O. lengte van Parijs ligt,
16" 25-" 8s,82 midd. tijd is, te Parijs 14" 33'° 34^,28 midd. tijd
of 22" 41m 17»,4 sterretijd, te Parijs 20" 49"" 24=,53 sterretijd,
27°58'13"
inbeide gevallen voor Oosterlengte-—-= 1" 51™ 52«,87
11>
aftrekkende.
Waarom nu in beide gevallen evenveel wordt afgetrokken,
terwijl het eene toch middelbare tgd en 't andere sterre-
tijd is, dit zij onzen lezers ter overweging aanbevolen.
De uurwerken, die wij in 't dagelijksch leven aanwenden,
zijn altijd naar middelbaren tijd geregeld. Voor sterre-
kundig gebruik heeft men er echter dikwijls, die den
sterretijd aanwijzen. De inrichting dier uurwerken kunnen
wij niet beschrijven; genoeg zij het, dat de raderen met de
uiterste zorg vervaardigd zijn, dat het echappement zoo
volkomen mogelyk is ingericht, en de invloed van tempe-
ratuursverandering nagenoeg is opgeheven.
Bij grootere tijdsverloopen gebruikt men de grootere een-
heid, het jaar.
Dit hebben wij op p. 21 opgegeven =: 306,256383 sterredag
en op pag. 45 = 366,242217 »
Het eerste is het sterrejaar, voor de zon noodig om
weder tot dezelfde ster terug te keeren , dus altijd even lang.
Het tweede is het tropisch jaar, voor de zon noodig
om weder het lentepunt te bereiken. Dit lentepunt ver-
plaatst zich echter voortdurend; het tropisch jaar is dus niet
altijd even lang, maar daar het natuurlijk aanwijst den
terugkeer der jaargetijden, zijn wij wel genoodzaakt hot
boven bet sterrejaar te verkiezen.
Het tropisch jaar nu heeft 365,242217 middelb. dagen.
Wanneer wij dus in de burgerlijke tijdrekening het op 365
dagen stellen, begaan wij een fout.