Boekgegevens
Titel: Leerboek der cosmografie
Auteur: Hoorweg, J.L.
Uitgave: Utrecht: gebr. van der Post, 1874
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-314
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200874
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der cosmografie
Vorige scan Volgende scanScanned page
37
zelfs den horizon zei ven nl. 21 Maart en 21 September.
Daar al wat on-
derden horizon
is onzichtbaar
is zal de zon
ook zoolang on-
der zijn als zij
de parallelcir-
kels doorloopt
die tusschenER
en E'E" gelegen
U" zijn, nl. van 21
September tot
21 Maart, de
overige tijd nl.
van 21 Maart
tot 21 Septem-
ber is zij voort-
durend boven
den horizon. Er
is dan derhalve
een dag van 6
maanden en een nacht van even langen duur.- De zon blijft
verder altijd verre van het toppunt; zeer schuin vallen
hare stralen op de voorwerpen, die altijd lange schaduwen
achter zich werpen.
By den schuinen spheer is nog als merkwaardig opte-
merken hoe de positie van den hemel en de loop van de
zon is voor de bewoners van de keerkringen cn de pool-
cirkels. Dit is in fig. 15 voorgesteld, en wel in (a) voorde
kreeftskeerkring en {b) voor de zuidpoolcirkel.
Onder de keerkringen is nl. de geogr. breedte 23}° on
onder de poolcirkels derhalve moet in fig. 15o de pool
des hemels 23^° en in fig. 154 66}° boven den horizon
gesteld worden. Do standen van den evenaar ER en van
de parallelcirkels CC' en E'E" die 23daarvan afleggen en
tusschen welke de zon zich altijd bevindt, volgen dan van
zelf. Het punt C valt in fig. 15a in het zenith: dat is het
merkwaardige van dit geval, daar hieruit volgt dat onder
den kreeftskeerkring de zon op 21 Juni des middags om 12
uur juist in 't zenith staat. Daar ziet men dus in den zomer