Boekgegevens
Titel: Leerboek der cosmografie
Auteur: Hoorweg, J.L.
Uitgave: Utrecht: gebr. van der Post, 1874
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-314
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200874
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der cosmografie
Vorige scan Volgende scanScanned page
36
November de zon juist in den Stier en in den Schutter komt.
Op 21 Juni is de zon in 0, nl. in 't begin van den Kreeft;
op 21 December is zij in E' nl. in 't begin van den Steen-
bok. De parallelcirkels CC' en E'E" die zij op die dagen door-
loopt , zijn op 23J° van den equator des hemels verwijderd. Op
denzelfden afstand liggen nu op aarde de beide keerkringen
(zie fig. 1) en zoo begrijpt men waarom die cirkels juist denaam
van Kreefts-en Steenboks-keerkring verkregen hebben.
Laat ons nu, met behulp van de meer genoemde stelling:
poolshoogte = geografische breedte,
onderzoeken hoe de dagelijksche beweging van de zon voor
verschillende plaatsen der aarde plaats vindt. Daarbij heeft
men slechts in 't oog te houden dat de zon altijd binnen de
beide parallelcirkels CC' en E'E" (fig. 13) blijft, die op 23»°
aan weerszijden des eqnators gelegen zijn.
Voor de bewoners van den even-
aar, in den rechten spheer, is
de positie zooals zij in fig. 14a
geteekend is. Loodrecht stijgt al-
tijd de zon uit de kim, op 21
Juni volgt zij den weg CC', 21
Sept. en 21 Maart den weg ER,
21 December den weg E'E"; altijd
is zij even lang boven den horizon,
als er onder; dag en nacht zijn
even lang. Des middags staat
zij of in C of in T of in E' of in
tusschengelegen punten; altijd dus vrij dicht bij het zenith
Fig. I4a.
ET
Fig. lib.
TE
en zelfs tweemalen per jaar er
in. Alsdan zendt zij hare ver-
zengende stralen loodrecht op
de aarde; alle voorwerpen zijn
zonder schaduw.
Voor hen, die zich aan de Noord-
^N pool der aarde mochten bevinden,
hebben wij den evenwijdigen
spheer fig. 14S. De evenaar valt
samen met den horizon en de paral-
lelcirkels zijn daaraan evenwijdig.
De zon doorloopt dus eiken dag
een cirkel evenwijdig aan den horizon; twee malen per jaar