Boekgegevens
Titel: Leerboek der cosmografie
Auteur: Hoorweg, J.L.
Uitgave: Utrecht: gebr. van der Post, 1874
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-314
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200874
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der cosmografie
Vorige scan Volgende scanScanned page
18
Voor de plaatsen der aarde op de noordelijkste dier pa-
rallelcirkels gelegen, zal de zon dan gedurende 24 uur
schijnen en slechts eens aan den horizon raken; voor de zui-
delijkste zal dan de zon volstrekt niet schijnen, of slechts
even in den horizon zich vertoonen. De noordelijkste noemt
men do noordpoolcirkel, de zuidelijkste de zuidpoolcirkel.
Deze liggen dus op 23^° van de.pool af, op 66J° breedte.
Werkelijk vindt men ook op die breedte het verschijnsel,
zoo even genoemd, en omgekeerd heeft men daaruit bepaald,
dat de helling van de as der aarde juist 66 J bedroeg.
In den stand der aarde door fig. 5 aangewezen, is het
punt D zoodanig gelegen, dat de zonnestralen er loodrecht
op vallen. Het punt der aarde dat zich dus op den parallel-
cirkel DD' bevindt, heeft alsdan voor een oogenblik de zon
loodrecht boven zich, zoodat er geen schaduw is. Deze
parallelcirkel heet de kreeftskeerkring en is op een
breedte van 23N. gelegen. Daar nl.:
Fig. 6.
/ NOQ = 90° en
/ NOD = 66^°
/ DOQ^boog DQ =r23J '