Boekgegevens
Titel: Leerboek der cosmografie
Auteur: Hoorweg, J.L.
Uitgave: Utrecht: gebr. van der Post, 1874
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-314
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200874
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der cosmografie
Vorige scan Volgende scanScanned page
166
Ieder dezer krachten werkt afzonderlijk zonder op de an-
deren te influenceeren, daar zij allen loodrecht op elkan-
der zijn.
Het is nu gemakkelijk in te zien, dat de orthogonale
kracht PE de neiging zal hebben om het vlak der loopbaan
te verplaatsen, dat de tangentieele kracht trachten zal
de snelheid in de baan te veranderen en dat de radieele
kracht zich in zal spannen om den afstand tot de zon te
wijzigen
b. Voor 't geval dat de loopbaan van P buiten die van Q
valt, verkrijgen wij het volgende figuur, waarin weder
Fig 38.
LP, FP en EP de ontbondenen zijn volgens de tangentieele,
radieele en orthogonale richting.
Daarbij zien wij dat de orthogonale kracht EP naar boven
gericht is.
Hier uit volgt dat, geheel in tegenstelling met hetgeen
men oppervlakkig zou denken, de storende werking van Q
op P, zoodanig kan gericht zijn, dat zij P juist naar de andere
kant van de baan voert, als waar Q zich zelf bevindt.
Hetzelfde kan ook in het vorige geval plaats hebben, zoo-
dra slechts PQ>.QS. De orthogonale kracht zal dus in
beide gevallen nu eens zoo gericht zijn, dat zij de helling van
de loopbaan van P vermeerdert, dan weder die vermindert en
daar P en Q bij hunne wenteling om het centrum in allerlei
standen ten opzichte van elkander kunnen gelegen zijn, zal
ook werkelijk nu eens de helling vermeerderen dan weder