Boekgegevens
Titel: Leerboek der cosmografie
Auteur: Hoorweg, J.L.
Uitgave: Utrecht: gebr. van der Post, 1874
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-314
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200874
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der cosmografie
Vorige scan Volgende scanScanned page
154
Lij Jupiter en Saturnus, dat de planeten welke ver van de
zon verwijderd zgn, zeer in aard verschillen van de dich-
ter bij gelegenen.
7. Allo planeten werken volgens de wet van Newton
op elkander.
Van daar dat de eigenlijke beweging van de eene eenigs-
zins gewijzigd wordt door de aantrekking van de anderen.
Deze storingen in de beweging zijn uit den aard van de
zaak zeer samengesteld; het voornaamste er van zullen wij
in 't volgende hoofdstuk vermelden.
Voor het oogenblik is het voldoende op het bestaan dier
veranderingen te wijzen en op de oorzaak er van.
Daar men nu van alle planeten nauwkeurig de betrek-
kelgke afstanden en massa's kent, is het mogelijk volgens
<le algemeene gravitatie-wet uit te rekenen, welke verande-
ring in beweging een der planeten b. v. Uranus, door al
de anderen ondervindt.
Wanneer men deze berekening verrichtte, dan kwam de
uitkomst niet met de ervaring overeen.
Om nu dat verschil tusschen waarneming en berekening
op te heffen nam Leverrier aan, dat er nog een andere
planeet buiten Uranus bestond , die door hare storende aan-
trekking het genoemde verschil veroorzaakte.
Wilde dat verschil ook juist in grootte bepaald zijn, dan
moest die onbekende planeet een bepaalde loopbaan en be-
paalde massa bezitten. Deze werden dus in die onderstel-
ling uitgerekend.
Zijn eenmaal de elementen van de loopbaan bekend, dan
kan mon ook uitrekenen, welk punt des hemels die planeet
op een gegeven oogenblik voor een gegeven plaats op aarde
moet innemen.
Aldus kondigde L e v e r r i e r in September 1846 aan, dat zoo
die onderstelde planeet werkelijk aanwezig was, zij zich moest
vertoonen op een bepaald aangewezen plek des hemels. Naar
aanleiding van die aankondiging, ging Galle uit Berlijn aan
het zoeken en vond hij precies op de aangeduide plek een
klein sterretje, dat naderhand werkelijk bleek de planeet
te zijn. Zij droeg eerst naar aanleiding van deze merk-
waardige omstandigheid de naam vau Leverrier, maar heeft
naderhand die van Neptunus ontvangen. Het zou onbillijk
zijn, hier den naam te vergeten van Adams, den Engelschen