Boekgegevens
Titel: Leerboek der cosmografie
Auteur: Hoorweg, J.L.
Uitgave: Utrecht: gebr. van der Post, 1874
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-314
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200874
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der cosmografie
Vorige scan Volgende scanScanned page
120
sterren ten doel gesteld. Sestini meende daaruit de be-
weging van ons zonnestelsel te kunnen aantoonen. Beweegt
zich nl. de zon met het geheele planetenstelsel in een
zekere richting door de ruimte, dan zijn er sterren waar-
toe wij naderen en anderen weder waarvan wij ons verwij-
deren. Uit de redeneering op pag. 115 zou men nu kunnen
afleiden, dat dan ook de eerste sterren een meer blauwe, de
tweede soort een meer roode tint moeten hebben, daar voor
ons oog de kleur door de beweging verandert.
Hiertegen kan men inbrengen, dat zoo iets alleen ge-
beuren zou, indien het licht voor eerst van een enkele,
en wel ten tweede voor alle sterren van dezelfde golf-
lengte of breekbaarheid was, daar anders de redeneering niet
zoude doorgaan. De eene golflengte zou immers dan in de
plaats komen van de andere en in 't geheel zou alles het-
zelfde blijven. Daarenboven is de schatting van de kleur
in hare fijne nuances zeer lastig, zoodat, toen Admiraal
Smyth eens 6 dames en 4 heeren door een telescoop naar
een zelfde ster liet zien, deze haar bijna allen verschillende
kleur toekenden.
Sestini, Piazzi Smyth en anderen meenen ook veran-
deringen in de kleur der sterren opgemerkt te hebben.
Sestini wilde daar weder uit afleiden, dat die sterren
een eigen beweging hebben, maar om den zelfden grond
als boven moet men die gevolgtrekking verwerpen. Ware
zijne redeneering op verplaatsing van de strepen in 't spec-
trum gegrond, dan zou zij meer de aandacht verdienen , maar
uit een verandering in den totalen lichtindruk kan nooit
veel belangrijks omtrent de beweging worden gevonden.
Bij sommigen is de verandering in kleur werkelijk gecon-
stateerd , b. V. bij 95 Herculis en dan treedt een dergelijke
ster in de rei der veranderlijke sterren , want verandering van
nuance zal ook wel variatie in helderheid tengevolge hebben.
§ 39. Aard en beweging der vaste sterren. Het spec-
trum der vaste sterren is een van de 2 soort, nl. een
volledig spectrum met hier en daar donkere strepen.
Daaruit leiden wij volgens § 36 pag. 110 af, dat zij bestaan uit
gloeiende vaste of vloeibare stoften omgeven door een atmos-
pheer van minder lichtgevende gassen of dampen, die hier
en daar stralen uit het spectrum absorbeeren, en wel
juist die welke zij zelve bij voorkeur uitstralen. Uit de