Boekgegevens
Titel: Leerboek der cosmografie
Auteur: Hoorweg, J.L.
Uitgave: Utrecht: gebr. van der Post, 1874
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-314
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200874
Onderwerp: Astronomie: astronomie: algemeen
Trefwoord: Kosmografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Leerboek der cosmografie
Vorige scan Volgende scanScanned page
97
Opvallend is de grootte verscheidenheid en de grootte :
terwijl Mercurius 20 malen kleiner is dan de aarde is Ju-
piter bijna 1400 malen grooter.
De middellijn van Jupiter is ongeveer
140 millioen meters.
Terwijl dus een kanonskogel in ongeveer 28 uur eens om de
geheele aarde zou kunnen gaan, zou hij 98 uur noodig hebben
om de middellijn van Jupiter te doorloopen. Het licht dat
in 1 sec. 8 maal om de aarde gaat, zal eerst in 1J sec. Ju-
piter eenmaal rondreizen.
Voor de afstanden der verschillende planeten tot de
zon vindt men ongeveer:
M e r c u r i u s. 58
Venus. . . . 107
Aarde. ... 148}
Mars..... 226
Jupiter. . . 772
Saturnus. . 1417
Uranus. . . 2848
Neptunus . 4461
Terwijl dus het licht der zon in 8.J minuut de aarde
bereikt, heeft het nog ruim 4 uur noodig om tot de grenzen
van het zonnestelsel te geraken. Een kanonskogel zou daar-
voor bijna 400 jaren noodig hebben.
§ 32. Afstand enz. der maan. Wanneer men de methode, op
pag. 88 , fig. 30 , aangewezen, ter bepaling van den parallaxis
der hemellichamen, toepast op die dor maan, dan blijkt het
dat hij bijzonder groot is, en daarom met nauwkeurigheid
gevonden kan worden. Daaruit volgt dat de maan betrek-
kelijk dicht bij de aarde is geplaatst, zoo zelfs dat de ellip-
soidische vorm der aarde zich bij het meten der parallaxis
verraadt, omdat in de horizontale parallaxis
straal der aarde
afstand der maan
do aardstraal niet even groot is. Wegens de geringe grootte
van dien afstand heeft ook de dagelijksche aswenteling der
aarde invloed op do schijnbare middellijn der maan, zooals
zij zich voor een zelfde plaats vertoont. Daardoor moet im-
mers die plaats nu eens tot de maan naderen dan weder er
zich van verwijderen. Deze variatien in afstand door de
6