Boekgegevens
Titel: De zoogdieren: lees en leerboek voor de lagere school en de normaalschool
Auteur: Hoyer, A.G.E.
Uitgave: Amsterdam: H.J. Otto, 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4837
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200857
Onderwerp: Biologie: Mammalia
Trefwoord: Zoogdieren, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De zoogdieren: lees en leerboek voor de lagere school en de normaalschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
47
Zeker, dat kunt ge! Hoe de grootte van een dier
afhankelijk is van de leefwijze, daarvan kunt ge u
overtuigen, indien ge 2 jonge goudvisschen neemt
van gelijke grootte, waarvan gij den eenen in uw
vijver, en den anderen in een glas werpt: de eerste
zal in 5 maanden driemaal grooter zijn dan de
laatste, al voedert gij dezen ook nog zoo goed!
Zend uwe geit eens naar de Alpen', zij zal met
wollig haar wederlteeren. En kunt ge niet bij uw
schapen het kunstje van Jakob eens beproeven! Maar
zoo zouden wij, voortpratende, te ver van ons thema
afraken, zoodat het zaak wordt, dit weder op te
vatten. Wij waren, geloof ik, met den hond be-
zig.' Juist. De hond strekt tot velerlei nut: de
St. Bernardshond spoort verdwaalde en onder de
sneeuw bedolven reizigers op; de Newfoundlander,
wiens teenen door zwemvliezen verbonden zijn, redt
drenkelingen van een soms wissen dood; de
Pooihond trekt de slede van zijn meester soms uren
ver over het ijs; de A'^^öT^r^/iö««/bewaakt de kudde;
de Jachthofid spoort het wild op voor den jager;
de Poedel vermaakt ons door zijn kunstjes, waar-
over wij soms verbaasd staan; in 't kort, voor
den rijke een tLjdverdrijver, voor den burger een
helper, voor den arme een tyooster, is de hond
ons aller vriend geworden. Welke vriend treurt