Boekgegevens
Titel: De zoogdieren: lees en leerboek voor de lagere school en de normaalschool
Auteur: Hoyer, A.G.E.
Uitgave: Amsterdam: H.J. Otto, 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4837
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200857
Onderwerp: Biologie: Mammalia
Trefwoord: Zoogdieren, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De zoogdieren: lees en leerboek voor de lagere school en de normaalschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
45
vorm van den kop, de tong, den oogappel en ein-
delijk de wijze, waarop zij zich van hun buit
meester maken.
Over de afstamming van den hond is men het nog
volstrekt niet eens: sommigen beschouwen den wolf
als zijn stamvader; eenigen doen hem van een hond
afstammen, die nog in Azië in 'twild wordt aan-
getroffen ; terwijl nog anderen beweren, dat de
herdershond de oorspronkelijke type van 't honden-
ras is. Wat hier ook van zij, zooveel schijnt in-
tusschen zeker, dat de vele rassen tot weinige soorten
zijn terug te brengen; misschien zouden wij de
veronderstelling kunnen wagen, dat de keeshond,
de herdershond, de hazewind, de poedel, het leeuwtje,
de mops, de dog, de bullebijter, de dashond, de
brakhond, de St. Bernardshond, de Newfoundlander,
enz. oorspronkelijk uit slechts een enkele soort zijn
voortgekomen, en dat klimaat, leefwijze, behatir
deling als anderszins het hunne er toe bijgedragen
hebben, om de meer dan loo rassen en verschei-
denheden te doen ontstaan, die wij tegenwoordig
kennen. Hoe de dieren, die door den mensch tot
huisdieren gemaakt zijn, van hun oorspronkelijke
grootte, vorm, kleur en leefwijze kunnen afwijken,
zien wij o. a. het beste aan onze huisduiven, waarvan
wij wel I20 verscheidenheden aantreffen, zooals de