Boekgegevens
Titel: De zoogdieren: lees en leerboek voor de lagere school en de normaalschool
Auteur: Hoyer, A.G.E.
Uitgave: Amsterdam: H.J. Otto, 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4837
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200857
Onderwerp: Biologie: Mammalia
Trefwoord: Zoogdieren, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De zoogdieren: lees en leerboek voor de lagere school en de normaalschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
De hoofdkenmerken van de orde der vierhandigen
zijn: 4 ledematen, die van handen zijn voorzien.
Wij spreken hier van handen, omdat bij alle 4 de
duim tegenover elk der vingers kan gebracht wor-
den. De apen zullen dus goed kunnen grijpen en
hlanteren; maar zijn minder geschikt, om op vlak-
ken grond te loopen. Als sommige hunner op de
achterste pooten gaan, bedienen zij zich van een
stok, waarmede zij zich ook verdedigen! — Het
gebit van de apen der Oude Wereld komt overeen
met dat van den mensch: 8 snijtanden, 4 hoek-
tanden en 20 kiezen; die der Nieuwe Wereld heb-
ben vier kiezen meer. Als wij letten op de inrich-
ting en op den bouw der tanden en kiezen,
komen wij al spoedig tot het besluit, dat de apen
behooren tot de omnivoren, d. i. tot de allesvreten-
den: zij gebruiken wel is waar hoofdzakelijk plan-
tenvoedsel, maar zijn toch ook niet afkeerig van
een stukje vleesch en lusten dolgraag eieren.
In de tropische gewesten van Azie, Afrika en
Amerika, waar zij alleen inheemsch zijn, veroor-
zaken zij door hun gemeenschappelijke roof- en
plundertochten aan de maïs- en rijstvelden, aan de
boomvruchten en 't suikerriet veel schade; 't zijn
derhalve tamelijk nuttelooze beesten, die wij evenwel