Boekgegevens
Titel: De zoogdieren: lees en leerboek voor de lagere school en de normaalschool
Auteur: Hoyer, A.G.E.
Uitgave: Amsterdam: H.J. Otto, 1881
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4837
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200857
Onderwerp: Biologie: Mammalia
Trefwoord: Zoogdieren, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De zoogdieren: lees en leerboek voor de lagere school en de normaalschool
Vorige scan Volgende scanScanned page
^91
gekruider zijn de horèns. Na 4 of 5 jaar wordt
er elk jaar van onderen een stuk nieuwe scheede
gevormd, de zoogenaamde ring, waaruit men den
ouderdom van het dier berekenen kan.
Het gebit dezer dieren bestaat uit 8 sterke, stevige,
scherpe snijtanden in de onderkaak; achter in de
kaken zijn aan iedere zijde der boven- en onderkaak
6 platte, breede maaltanden (kiezen) met twee
verglaasde strepen op de kronen; de hoektanden
ontbreken, alsmede de snijtanden in de bovenkaak,
die door een kraakbeenig bekleedsel vervangen zijn.
Het voedsel dezer dieren is uitsluitend plantaardig
en bestaat meestal uit gras. Wij hebben reeds ge-
wezen op de eigenaardige inrichting van de hoeven
en de maag, zoodat wij met het opnoemen der 4
geslachten, waarin deze familie verdeeld wordt,
kunnen beginnen.
Het antiloJ>en-ges\dLc\it bestaat uit dieren, die in
vorm en grootte nog al aanmerkelijk van elkaar
verschillen, de horens zijn gewoonlijk gekruld, zij
bewonen zoowel de vlakte als 't gebergte .en komen
in overgroote menigte in de warme landen van Azië
en Afrika voor. De voornaamste soorten volgen
hier.
De gems bewoont de gebergten van Zuid- en
Midden-Europa; zij heeft een donkerbruine kleur