Boekgegevens
Titel: Vraagstukken over natuurkunde: behoordende bij het Leerboek der natuurkunde
Auteur: Horn, D.; Gast, Simon de
Uitgave: 's-Gravenhage: Joh. Ykema, 1894
Arnhem: G.J. Thieme
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4791
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200845
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vraagstukken over natuurkunde: behoordende bij het Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
S81
stijgkracht heeft van 1 DU, hoe groot is dan de middellijn van
den ballon? (S.G. lucht iz: 0,0013). Het volume van de stof,
waaruit de ballon is vervaardigd, wordt buiten rekening ge-
laten, evenals de dikte van den wand. Welke factoren wor-
den mede niet in rekening gebracht?
02. Twee lichamen hebben met eene eenparig vertraagde bewe-
ging afstanden doorloopen, die tot elkaar staan als 3 : 5. Zoo
de vertraging van A per seconde tot die van B stond als 5 : 3
en B 8 seconden langer in beweging bleef dan A, vraagt men
hoeveel seconden elk lichaam in beweging is geweest. Eind-
snelheid van beide 0.
63. Een lichaam van 7 KG heeft eene snelheid van 4,9 M en
een ander lichaam van 4,9 KG heeft eene snelheid van 7 M.
Hoeveel arbeidsvermogen heeft het laatste meer dan het
eerste ?
64. Een houten kegel, waarvan de middellijn van het grondvlak
12 cM en de hoogte 24 cM is, wordt in het water gelegd. Hoe-
veel zal de top boven het water uitsteken, gesteld, dat hij lood-
recht naar boven gekeerd is ? S.G. hout 0,488.
65. Een steen, die met eene snelheid van 12,4 M uit een lucht-
ballon loodrecht naar beneden werd geworpen, bereikte de
Aarde met eene snelheid van 81 M. Hoe hoog was de ballon
gestegen, toen men den steen uitwierp, en hoe lang duurde
de val?
66. Een holle kubus van eene stof, wier S.G. 10,8 is, drijft in eene
vloeistof, waarvan het S.G, 1,5 is, zoodat Ys van den kubus
boven de vloeistof uitsteekt. Men vraagt naar de verhouding
tusschen de ribbe van den kubus en de dikte van den wand.
Het gewicht der lucht in den kubus wordt niet berekend. Ribbe
van den kubus = 1; het andere verhoudingsgetal tot in dui-
zendsten nauwkeurig.
67. Een luchtreiziger laat eenige fiesschen uit zijn ballon vallen.
Na 33 seconden bereikt het geluid van het vallen zijn oor.
Hoeveel M was hij boven de oppervlakte der Aarde ? ^ 9,8 M;
snelheid geluid 313,6 M.
68. De slinger van een uurwerk is 3 dM lang. Als dit uurwerk
Hobn en de Gast. Vraagst. 2e druk. 6