Boekgegevens
Titel: Vraagstukken over natuurkunde: behoordende bij het Leerboek der natuurkunde
Auteur: Horn, D.; Gast, Simon de
Uitgave: 's-Gravenhage: Joh. Ykema, 1894
Arnhem: G.J. Thieme
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4791
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200845
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vraagstukken over natuurkunde: behoordende bij het Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
S80
1 trillingstijd, als de trillingswijdte 1 cM is. Geef aan, welke
moleculen dezelfde, welke tegengestelde phase hebben.
2. Verklaar de formule l = t X Vj waarin l de golflengte, t de
trillingstijd en v de voortplantingssnelheid is.
3. Bepaal de golflengte eener trilling, als het aantal trillingen per
seconde 75 en de voortplantingssnelheid 600 M is.
4. De golflengte eener trilling is 2,688 M, de voortplantingssnel-
heid 336 M. Bepaal den trillingstijd.
5. Met welke snelheid plant eene trilling zich voort, als het aantal
trillingen per seconde 120 is en de golflengte 2,8 M bedraagt?
6. Teeken langs eene rechte lijn eene rij moleculen, die op 0,5
cM afstand van elkaar liggen, en veronderstel, dat deze mole-
culen in transversale trilling geraken, Teeken den stand der
deeltjes, die eene golf vormen, als ge weet dat de trillingstijd
0,025 seconde is, de snelheid van voortplanting 400 cM en de
trillingswijdte 2 cM,
7. Na hoeveel seconden zal de 121" molecule in beweging komen?
8. Voer de teekening in opgave 6 ook uit, als de trilling longi-
tudinaal is.
.9. Bepaal den afstand tusschen de 41^ en de 86° molecule ééne
seconde na het begin der trilling.
10. Hoe ver is een onweder van ons verwijderd, als er tusschen het
zien van den bliksem en het begin van den donder 10 secon-
den verloopen?
11. Als in het vorige vraagstuk de bliksemstraal naar gissing onder
een hoek van 30" gezien wordt en de donder 12 seconden
duurt, hoe lang is de straal dan ongeveer ?
12. Iemand ziet een kanon afvuren en hoort 3 seconden later het
schot. Hoever is het kanon van hem verwijderd?
13. Als men in een 320 M diepen put een steen laat vallen, na
hoeveel seconden hoort men dan den val ? (Neem g ~ 10 M).
14. Men laat in een put een steen vallen en hoort hem 6 secon-
den, nadat hij is losgelaten, vallen. Hoe diep is die put?
15. Moll en Van Beek vonden voor de snelheid van het geluid
in de lucht bij 10° 338,36 M. Bepaal hieruit de snelheid bij 0°.
16. De snelheid van het geluid in de lucht is bij 0° en 76 cM