Boekgegevens
Titel: Vraagstukken over natuurkunde: behoordende bij het Leerboek der natuurkunde
Auteur: Horn, D.; Gast, Simon de
Uitgave: 's-Gravenhage: Joh. Ykema, 1894
Arnhem: G.J. Thieme
2e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4791
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200845
Onderwerp: Natuurkunde: natuurkunde: algemeen
Trefwoord: Natuurkunde, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vraagstukken over natuurkunde: behoordende bij het Leerboek der natuurkunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
S40
water, gesloten met eene kartonnen plaat van 3 G en daarna
omgekeerd. Met welke kracht wordt het papier tegen het glas
gedrukt ?
2. In een cylinder is een volume lucht afgesloten door een zuiger,
die eene oppervlakte heeft van 1,5 dM-. Als de spanning der
afgesloten lucht 1 atmospheer bedraagt, hoe groot wordt zij
dan, als we op den zuiger een gewicht plaatsen van 129,2 KG?
3. In een vat is een volume lucht afgesloten, die op eiken cM^
van den wand eene drukking uitoefent van 2,584 KG. Hoe-
veelmaal moet het volume dezer lucht grooter worden, zal
het gas onder normale drukking komen?
4. Met welke kracht worden twee Maagdenburger halve bollen
van 14 cM middellijn bij normalen barometerstand van weers-
zijden tegen elkaar gedrukt, a) als de lucht binnen de halve
bollen geheel is verwijderd; h) als de lucht binnen de halve
bollen eene spanning heeft van 2 cM kwikdruk?
5. De zuiger eener luchtpomp heeft eene oppervlakte van 60 cM-.
De inhoud van klok en gemeenschapsbuis samen is Omaal zoo
groot als die der pompbuis bij den hoogsten stand van den
zuiger. Hoe groot is de drukking tegen de ondervlakte van
den zuiger, als deze bij den tweeden pompslag den hoogsten
stand heeft bereikt?
6. Als bij eenigen stand tegen de ondervlakte van den zuiger
dezer pomp eene drukking wordt uitgeoefend van 3 HG per
cM-, welke kracht is dan noodig om den zuiger op te heffen ?
Wordt ondersteld, dat er geene wrijving is.
7. De klok eener luchtpomp heeft eene middellijn van 1,75 dM.
Met welke kracht wordt deze klok tegen de plaat gedrukt,
als de spanning der lucht in de klok 30 mM en daarbuiten
75 cM kwikdruk is?
8. De klep in den zuiger eener luchtpomp heeft 1,5 cM- opper-
vlakte, weegt 25 G en wordt door eene veer met eene kracht
van 4 G naar beneden gedrukt. Hoe groot is de spanning van
de lucht onder den zuiger, als de klep er door opengedrukt
wordt? Barometerstand normaal.
9. Als de zuiger in de luchtpomp van n*^. 8 bij den hoogsten