Boekgegevens
Titel: Handleiding bij de voorbeelden tot oefening in het rechtlijnig teekenen: ten gebruike bij het onderwijs aan hoogere burgerscholen en bij zelfonderricht
Auteur: Hooiberg, Timen
Uitgave: Leiden: T. Hooiberg en zoon, 1872-1873
2e verb. uitg
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-297
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200843
Onderwerp: Wiskunde: algebraïsche meetkunde
Trefwoord: tekenen, meetkunde, Leermiddelen (vorm), Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding bij de voorbeelden tot oefening in het rechtlijnig teekenen: ten gebruike bij het onderwijs aan hoogere burgerscholen en bij zelfonderricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
97
uit e' eu f' loodrecht op M N zijn getrokken en vereenig de
punten e' en ƒ" twee aan twee, dan is a" b" c" f" e" d' de
vertikale projectie van het driehoekig prisma.
Bij nauwkeurige constiuclie zal men moeten bevinden, dat
a" b' eu d" e", enz. twee aan twee aan elkander evenwijdig
zijn (10).
Een opmerkzame beschouwing vau de projecties van het
prisma leert, dat de vertikale projectie vau slechts een der
ribben, namelijk van de ribbe ab, onzichtbaar is.
3. Een prisma [a' b'.... h', a" b"... . h") rust met zijn
grondvlak abed op het horizontale vlak van projec-
tie; de ribbe ab van het grondvlak is loodrecht op
het vertikale vlak vau projectie, terwijl het boveneinde
van de opstaande ribbe ae in het vertikale vlak van
projectie is gelegen. De projecties te teekenen vau
dat prisma, wanneer het om de ribbe ab als as zoo-
veel wordt gewenteld, dat het zijvlak ablie met het
horizontale vlak van projectie samenvalt.
De ribbe a b heeft een enkel punt («") tot vertikale pro-
jectie (8); deze projectie ligt evenals de vertikale projecties
b" en c" in de as van projectie MN (2); a' b' is loodrecht
op MN. De lengte en de richting van e" zijn naiu' wil-
lekeur genomen; de horizontale projectie e van het punt e
ligt klaarblijkelijk in de lijn M N\2). Met deze gegevens kan
het teekenen van de projecties van het prisma in den eerst
aangenomen stand thans niet moeilijk vallen.
Laat men nu het prisma wentelen, totdat de ribbe ae in
het horizontale vlak vau projectie koiut te liggen, dan zal
het zijvlak abhe met dat vlak van proji^ctie sjiineuvailen en
derhalve aan de vraag voldaan zijn. Bij deze wenteling be-
schrijft het punt e" een ciikell)oog (zie Eig. ö riiiiit Ij, welke
den afstand a" e" tot straal heeft; de nieuwe horizontale pro-