Boekgegevens
Titel: Handleiding bij de voorbeelden tot oefening in het rechtlijnig teekenen: ten gebruike bij het onderwijs aan hoogere burgerscholen en bij zelfonderricht
Auteur: Hooiberg, Timen
Uitgave: Leiden: T. Hooiberg en zoon, 1872-1873
2e verb. uitg
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-297
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200843
Onderwerp: Wiskunde: algebraïsche meetkunde
Trefwoord: tekenen, meetkunde, Leermiddelen (vorm), Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding bij de voorbeelden tot oefening in het rechtlijnig teekenen: ten gebruike bij het onderwijs aan hoogere burgerscholen en bij zelfonderricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
22
zijde ia naar l en trek uit a de lijn am loodrecht op ak.
deel den hoek lam middendoor en bepaal het snijpunt n
van deze deellijn met de liju AC, maak Co=:Co' —13j»
= B^j' r= A r=: A K.
Beschrijf uit B als middelpunt met BA als straal de
cirkelbogen A 2 en de cn uit datzelfde punt als middelpunt
met B A' als straal de cirkelbogen A' 2' en b c; beschrijf
verder met B g als straal den cirkelboog g t h ea met B g'
als straal deu cirkelboog g' t' h'. De afstanden BA', B g en
B g' kunnen naar willekeur worden genomen.
Vervolgens beschrijve men uit a als middelpunt met a. 2
als straal den cirkelboog 2.q, met a. 2' als straal den cir-
kelboog 2',(i , met at als straal den cirkelboog 6ƒ en met
a j/— a 2. 2' als straal het cirkelboogje dr.
Om de kromme lijn hd te construeeren, verdeele men
X y ( Fig. l.b) in drie gelijke deelen x. 2 —2. 1 = 1. y en
vz in een evengroot aantal gelijke deelen v. 1 — 1. 2 — 2. z. Be-
schrijft men nu uit a als middelpunt met a 2 als straal en uit B als
middelpunt met B. 2' als straal een cirkelboog, dan is het
snijpunt 2" dezer cirkelbogen eeu puut van de gezochte
kromme lijn. Het punt 1" wordt op overeenkomstige wijze
gevonden, eu daarna uit de hand door de punten 6, 2",1",d
eeu kromme lijn getrokken.
Bij het hoekpunt ƒ is aangegeven op hoedanige wijze
een splitsboograam door steenhouwwerk wordt ingesloten.
2. Beschrijf een gelijkzijdigen driehoek A B C ea neem
AD — FB naar willekeur; beschrijf uit A als middelpunt de
cirkelbogen B C ea F E en uit het punt B de cirkelbogen
AC en DE. Vereenig het punt E met de punten D ea F
en beschrijf in den gelijkbeenigen driehoek D E F Aen cir-
kel Md. Trek door het middelpunt M van dezen cirkel de
lijnen AMa, BMb eu CMc; zij J het snijpunt van dc