Boekgegevens
Titel: Handleiding bij de voorbeelden tot oefening in het rechtlijnig teekenen: ten gebruike bij het onderwijs aan hoogere burgerscholen en bij zelfonderricht
Auteur: Hooiberg, Timen
Uitgave: Leiden: T. Hooiberg en zoon, 1872-1873
2e verb. uitg
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-297
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200843
Onderwerp: Wiskunde: algebraïsche meetkunde
Trefwoord: tekenen, meetkunde, Leermiddelen (vorm), Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding bij de voorbeelden tot oefening in het rechtlijnig teekenen: ten gebruike bij het onderwijs aan hoogere burgerscholen en bij zelfonderricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
van een boog van éen graad, D.5 ie koorde van een boog
van vijf graden, bf de koorde van een boog van 83°, enz.
Hierbij en bij hetgeen verder volgt houde men wel in het oog,
dat men door middel van de koordeschaal in het algemeen
slechts benaderde uitkomsten verkrijgt, aangezien de koor-
den der bogen niet evenredig zijn aan de bogen zelve.
Door de fijne horizontale lijnen wordt elke graad in 4 ge-
lijke deelen verdeeld, zoodat men op deze schaal de koor-
den van cirkelbogen vindt aangewezen, welke met een ver-
schil van 15' opklimmen; zoo is bv. mn — koorde van boog
46» 30' enz.
Om nu met behulp van deze schaal een gegeven hoek te me-
ten, beschrijve men uit het hoekpunt van den hoek als mid-
delpunt met de liju D. 60 als straal een cirkelboog en ver-
eenige de punten, waarin de beenen van den gegeven hoek
door dezen boog worden gesneden. Men heeft dan nog slechts
de lengte van deze koorde op de koordeschaal af te meten,
gelijk hierboven is aangeduid.
Om een hoek van bepaalde grootte bv. van 46" 30' te constru-
eeren , beschrijve men uit een punt a, naar willekeur genomen
in een lijn ap, als middelpunt met D. 60 als straal een cir-
kelboog, en uit het snijpunt p vaa dezen cirkelboog en de
lijn ap als middelpunt met m n als straal een tweeden cirkel-
boog. Is nu 2 het snijpunt der bovengenoemde cirkelbogen ,
zoo heeft men slechts a met q te vereenigen en dan is
L(l<ip =46" 30'.
Teeken nu eens door middel van deze schaal een hoek van
35° 45', een hoek van 52° 15' en een hoek van 23» 30'.
üonius.
4. De lengte A! B' van de nonius, welke in het onderha-
vige geval in 10 gelijke deelen is verdeeld, komt overeen