Boekgegevens
Titel: Handleiding bij de voorbeelden tot oefening in het rechtlijnig teekenen: ten gebruike bij het onderwijs aan hoogere burgerscholen en bij zelfonderricht
Auteur: Hooiberg, Timen
Uitgave: Leiden: T. Hooiberg en zoon, 1872-1873
2e verb. uitg
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-297
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200843
Onderwerp: Wiskunde: algebraïsche meetkunde
Trefwoord: tekenen, meetkunde, Leermiddelen (vorm), Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding bij de voorbeelden tot oefening in het rechtlijnig teekenen: ten gebruike bij het onderwijs aan hoogere burgerscholen en bij zelfonderricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
12
hulp vau dezelfde figuur, iu een zeker aantal gelijke stuk-
ken , mits kleiner dan tien, verdeeld worden.
PL. III
Hel Tcrdecleii van lijnen in een bepaald aantal
gelyke deelen. (vervolg)
Esd lijD ab te verdeelen;
1. in 3 gelijke deelen.
a. Beschrijf uit a en 6 met a b als straal cirkelbogen
en bepaal hunue snijpunten c eu /; trek ac en b c, deel
a c en b c middeudoor, vereenig de deelpuuten d en e met
het punt /, dan wordt a b door de punten 1 eu 2 iu drie
gelijKe deelen verdeeld.
b. Deel a b middendoor in x, beschrijf uit x met
X a — xb als straal den halven cirkel ad eb en met deu-
zelfden afstand als straal uit a eu i de cirkelbogen x c en
xd-, beschrijf uit a en b met ab als straal cirkelboogjes en
verbind hun snijpunt ƒ met c en d, dan zijn 1 en 2 de
gezochte deelpunten.
Het verdeelen van I^nen in deelen die tot elkander in
een bepaalde verhouding staan.
Eea lijD te verdeelen in deelen die tot elkander staan als:
2. de getallen 2, 3, 5 en 7.
Trek a c naar willekeur en zet daarop, vau a te beginnen,
zooveel gelijke afstiuiden uit als wordt aangewezen door de
som der getallen 2, 3, 5 en 7, derhalve 17. Vereenig b met
17 en trek uit de punten 2,5 (2 + 3) eu 10 (2 + 3 + 5)
lijneu, evenwijdig aan (i, 17); dan staan de stukken (a, 2')
(2', 3'), (3', 5') en (5', 7') tot elkander als de getallen
2, 3, 5 en 7.
3. de lijnen J, li, C, I).
Trek m d' naar willekeur; neem ma'=zJ, a'b' — B,