Boekgegevens
Titel: Handleiding bij de voorbeelden tot oefening in het rechtlijnig teekenen: ten gebruike bij het onderwijs aan hoogere burgerscholen en bij zelfonderricht
Auteur: Hooiberg, Timen
Uitgave: Leiden: T. Hooiberg en zoon, 1872-1873
2e verb. uitg
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NOK 09-297
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200843
Onderwerp: Wiskunde: algebraïsche meetkunde
Trefwoord: tekenen, meetkunde, Leermiddelen (vorm), Gidsen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Handleiding bij de voorbeelden tot oefening in het rechtlijnig teekenen: ten gebruike bij het onderwijs aan hoogere burgerscholen en bij zelfonderricht
Vorige scan Volgende scanScanned page
\
\
25
de lijn A' dan heeft meu nog slechts uit een lijn te
trekken, welke evenwijdig is aan A' A[ en v^v^:^ A' A[ te
nemen. Trekt men nu uit v'^ een lijn loodrecht opMiVenuit
r'; een lijn evenwijdig aan 3/iV, dan is het snijpunt v'l van
deze lijnen de vertikale projectie van het punt v.
Bij de constructie van de verschillende projecties zal men
wederom met veel vrucht kunnen gebruik maken van de
waarheid, dat de projecties van evenwijdige lijnen mede aan
elkander evenwijdig zijn (10).
PL. V.
PROJECTIES VAN LICHAMEN.
Een rechthoekig parallelopipedum met vierkant
grondvlak heeft een opening van zoodanigen vorm,
dat deze geheel wordt aangevuld door eeu regelmatig
zeshoekig prisma, waar van de opstaande ribben even-
wijdig zijn aan die van het parallelopipedum; de as
van het prisma gaat door het middelpunt van het
grondvlak van het parallelopipedum. liet doorboorde
parallelopipedum rust met een zijner hoekpunten op
het horizontale vlak van projectie en steunt verder
op een balk, welke op het horizontale vlak van pro-
jectie ligt en die mede de gedaante heeft van een
rechthoekig parallelopipedum. Men vraagt de pro-
jecties van de beide lichamen te construeeren, wan-
neer hunne ligging met betrekking tot het vertikale
vlak van projectie naar willekeur is genomen.
In hoofdtrekken komt de bewerking vau dit vraagstuk over-
een met die van het vraagstuk, waarop plaat IV betrekking
heeft, zoodat enkele aanwijzingen zullen voldoende zijn.
2*
L_