Boekgegevens
Titel: Kort begrip der aardrijkskunde
Auteur: Holst, Anthoon Albertus
Uitgave: Amsterdam: Ten Brink & De Vries, 1877
11e dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4722
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200822
Onderwerp: (Sociale) geografie, cartografie, planologie, demografie: (sociale) geografie: algemeen
Trefwoord: Geografie, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Kort begrip der aardrijkskunde
Vorige scan Volgende scanScanned page
11.
Bij de studie van de Aardrijkskunde maakt men gebrnik van
landkaarten.
Eene landkaart is de afteekening van het oppervlak van
een werelddeel,
een land,
of een gedeelte van een land.
Bij het gebruik van eene landkaart is noo.dig de kennis van
de windstreken.
De hoofdwindstreken zijn: noord, ZUid, OOSt, west.
De landkaart wordt gewoonlijk zóó gelegd, dat men
het noorden bovenaan heeft,
het zuiden onderaan,
het oosten aan de rechterhand,
het westen aan de linkerhand.
NEDERLAND.
De grenzon van een land zijn de kanten, de uitein-
den van dat land, tot zoover als dat land zich uitstrekt.
Nederland g:renst ten N. en W, aan de Noordzee,
ten Z. aan België, ten O. aan Pruisen.
De grootte is bijna 3,300,000 bunders.
Het getal inwoners is ruim S^/^ millioen.
De grond is meest vlak en laag. In het Z. en O. vindt
men heuvelen; langs de zeekust vindt men duinen.
De luchtsgesteldheid is vochtig en veranderlyk, maar
over 't geheel niet Qngezond.
De voornaamste voortbrengselen zijn,
uit het dierenrijk: Eunderen, Paarden, Schapen, Zwy-
nen, Wild, Gevogelte, Visch, Bijen;
uit het plantenrijk: Koren, Aardappelen, Vruchten,
Vlas, Tai^ak, Meekrap, Hout, Bloemen;
uit het deljstoffenrijk: Turf, Steenkolen, Zout, IJzer,
Steenaarde, Schelpen,
Natuurbyzonderheden: de Echo te Muiderberg, het
riviertje de Waal j de S^ Pietersberg, het Hellegat.