Boekgegevens
Titel: De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Deel: 3e stukje
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1856
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4679
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200806
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
87
fiatuurlijken 9) dood. Die vrouw is van honger
gestorven. Waaraan 10^ zijn zij gestorven? Zij
stierven (C) aan 8) hevige 10*) koortsen 11). Laat
ons sterven. Ondersteun hein, opdat hij niet sterve.
ïk ga sterven. Zou hij «iet aan 8) die ziekte
sterven? Ik sterf met nioed , dewijl 12) ik onschuldig
ben. Zult gij niet eens 6) sterven? Verondersteld
dat zij stierven, of dat hij stierve.
1) hors de. -3) vertaalt: Iiij is. 3) lAclie. 4) loiii.
5) arréter. 6) un jour. 7) k I;i fleur de rAfje. 8) de.
9) naturel f. 10) l)e quoi. lO*) violent f- H) ^èvre, f.
12) puiMiiie.
5.
Hij is slecht 1) gekleed. Hij kleedde de armen
in zijne nabuurschap 2). Zouden zij die armen
voeden en kleeden! De koning heeft hem met 3)
eenen post bekleed. Nadat zij eene erfenis verkregen
hadden, kleedden zij zich 4) rijk 5). Dewijl zij
veel roem verworven hadden, bekleedde (C) men iien
met posten. Hij was met 3) zijne beste kleederen
bekleed, toen é) hij ons ontving. Als 7) gij van
die vruchten plukt, zult gij sterven. Zoudt gij
niet Vim vreugde opspringen, als 7) men u die
tijding 8) bragt 9)? Dat water is te veel verkookt.
Dong hij ook naar dien post? Zouden de vijanden
dat land veroveren? Verondersteld dat zij al die
provinciën 10) veroverden. Wij zuilen hun de
kleederen zenden, waarmede 11) zij dc armen zullen
kleeden. Zullen zij dezen avond naar den schouw-
burg gaan?
1) mal. 2) voisinage, m. 3) de 4) se. 5) richement.
6) ïorsque. 7) si. 8) nouvelle, f. 9) apporter.
10) province, f. U) dont.
7