Boekgegevens
Titel: De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Deel: 3e stukje
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1856
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4679
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200806
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
57
2.
Jk ben niet tevreden; gij zijt ook niet tevreden.
Is hij gehoorzaam? Wij zijn geenszins tevreden. Hij
is ook nooit in den Haag geweest. Gij zijt ook nooit
ziek geweest. Gij zijl jong; gij zijt jong geweest;
hij is gelukkig; hij is gehikkig geweest; wij zijn niet
voorzigtig; wij zijn niet voorziglig geweest. Ik was
werkzaam; ik was werkzaam geweest. Zijt gij leer-
zaam? Zijt gij leerzaam geweest? Zijt gij niet ge-
duldig? Zijn wij niet geduldig geweest.'' Geld heb-
ben , gehoorzaam zijn, tevreden geweest zijn.
3.
Ik zal goede maniiren 1) hebben. Wij zullen een
slecht avondmaal 2) hebben. Hij zal heerlijke 3)
vruchten gehad hebben. Zal ik dat boek »hebben?
Zal hij een wit vest hebben? Gij zult geene beioo-
ning hebben. Zij zullen noch belooningen, noch be-
rispingen 4) hebben. Ik zou slechts eenen vriend
hebben. Zou hij veel vertrouwen 5) hebben? Zou
zij nieuwe kousen gehad hebben? Zullen zij geene
fraaije ruikers gehad hebben? Wij zullen geenszins
geduld gehad hebben: wij zouden ook niets hebben.
1) manière, f. 2) souper, m. 3) délicieux.f 4) réprimande, f.
S) confiance, f.
4.
Zouden zij tevreden zijn? Zou hij gel rouw zijn
aan zijn vaderland? Zij zouden zeer -wellevend 1)
zijn. Hij zou hoogst ongehoorzaam zijn. Zij zou
eene schoone vrouw zijn. Zou hij zeer belagchelijk 2)
zijn? Zou hij eenen knappen 3) tuinman hebben?
5*