Boekgegevens
Titel: De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Deel: 3e stukje
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1856
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4679
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200806
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
8
iets, niet waar? Nu, al zulke woorden beeten werk-
woorden, (verbes).
Als men de werkwoorden zoo gebruikt: geven,
eten, zingen, dan drukt men niet uit, wie de wer-
king doet. Maar als ik zeg: het kind slaapt, ik
zal zingen, dan wordt het anders, nietwaar? Alsdan
zeg ik, wie het doet. Wilt gij nu wel onthouden,
dat de persoon of zaak die de werking verrigt, in
de taalkunde het onderwerp (Ie sujet) heet? Als men
zegt: de tafel valt om, dan is de tafel het onder-
werp van het werkwoord omvallen.
Somtijds verrigt het onderwerp wel niet juist iets,
zoo als: de tafel is rond, de hond wordt geslagen,
maar alsdan kan men zeggen, dat er iets van gezegd
wordt. In die beide gevallen drukt men zijne ge-
dachten uit, en zulk eene uitdrukking van iemands
gedachten heet een voorstel (proposition). Datgene
wat van het onderwerp gezegd wordt, heet het ge-
zegde (rattribut). Aldus in: de bal is rond {laboule
est ronde), is la boule het onderwerp, want ik zeg
er van dat hij rond is. en est ronde is het gezegde,
want het is hetgene ik van het onderwerp zeg. In
dit voorbeeld wordt het bijvoegelijk naamwoord aan
het onderwerp verbonden door het woordje est, en
dat woordje, hetwelk echter veel veranderingen kan
ondergaan, maakt dikwijls met het bijvoegelijke
naamw. het gezegde uit.
Het gezegde van het voorstel is ook dikwijls een
enkel woord, namelijk een werkwoord. Aldus in:
hel kind slaapt, {l'enfant dort) , is het woord : slaapt,
dort, het gezegde.