Boekgegevens
Titel: De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Deel: 3e stukje
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1856
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4679
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200806
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
147
9.
Die gordel knelt 2) u te veel, maak hem los 3).
Ik zal u die zaak uitleggen 4). Ik had niet gedacht,
dat hij mij zoo erg 5) beleedigen 6) zou. Laat 7)
mij een oogenblik adem halen 8). Kondt gij die sloot
overspringen 9).' Het zal noodig zijn. dat ieder zijn
gelag lOj betale. Ik bedank 11) u voor 12) de eer,
die gij mij bewijst 13). Ik dacht na 14), hoe ik het
gevaar zou vermijden 15). Hij kan het gezang 16)
der vogelen nabootsen 17). Ik zal hem van de waar-
heid overtuigen. Wij hebben lang 18^ briefwisseling
met dien man gehouden. Zij verdienen geprezen te
worden. Wij hebben ons zeer vermaakt. Hij wan-
delt in den luin. De gehoorzame kinderen worden
door 19) hunne ouders geprezen. Met 20) welken
post is hij bekleed? Wij hebben berouw over die
zaak.
1) ceinture, f. 2) serrer. 3) desserrer. 4) expliquer.
5) grièvement. 6) oITenser. 7) laisser. 8) respirer.
9) francliir. 10) écot, ra. 11) remercier. 12) de.
13) témoigner. 14) méditer. 15) éviter. 16) chant, m.
17) contrefaire. 18) longtemps. 19) par. 20) de.
10.
Men ziet somtijds kinderen, die veel moeite hebben
om 1) hunne lessen te leeren. Ik ken er 2), die een
slecht geheugen hebben, en zich veel moeite geven
om 3) iels van builen te leeren. Maar er zijn veel
kinderen, die beter 4) zouden kunnen leeren, indien zij
het wilden (B); die betere vorderingen 5) zouden maken
indien zij zich met ijver 6) toelegden (B). Indien zij
grapjes 7) en beuzelarijen 8) kunnen onthouden,