Boekgegevens
Titel: De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Deel: 3e stukje
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1856
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4679
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200806
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
127
B. Disais. — Cr Dis, — D. Dirai, — E. Dirais. —•
F. Dise,
C. Disse. — II. Dis, quil dise, disons, dites, quils
disent.
Aldus vervoegt men ook redire, overzeggen ; maar
al de overige werkwoorden, die met dire zamenge-
sield zijn. hebben in den pers. van den pres,
de Vindicatif: disez, b. v. contredire, tegenspreken:
vous contredisez.
Lire, lezen; ayant lu, lisant, lu.
A, Lis. — B. Lisais, — C. Lus. — D. Lirai. —
E. Lirais.
F. Lise. — G. Lusse, — H. Lis, qu'il lise, etc.
Zoo ook élire, uitkiezen; reelire, herkiezen; relire,
overh'zen.
Rire, lagchen ; ayant ri, riant, ri.
A. Ris, ris ^ rit; rions, riez, rient.
B. Hiais, riais., riait; riions, riv-z, riaient.
G. His — D. liirai, — E. Rirais. ~ F. Rie. —
G. Risse. — U. Ris.
Zoo ook: sourire, glimiagchen ; sourire à, toe-
lagchen.
Confire, inleggen of konfijten, gaat even als dire,
maar men zegt: vous confisez.
Maudire, vervloeken, wordt eveneens vervoegd als
de werkwoorden der tweede vervoeging; derhalve als
of er geene e op het einde \\are. liet lijdende deel-
woord is echter maudit.