Boekgegevens
Titel: De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Deel: 3e stukje
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1856
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4679
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200806
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
97
5.
Wij verbeteren 1) dien man van zijne fouten. Deze
gebeurtenis bragt (C) al hunne plannen 2) in de
war 3). Wij deelen 4) het geld onder ons. Zij
zuilen naar de stad gaan om 5) koopwaren te koopen 6).
flij stak (C) 7) het hoofd huiten 8) hel rijtuig. Wij
verhaasten 7) den dag van qd$ vertrek S"). Kwamen (C)
zij uiet te regter tijd? Sliep hij, toen gij kwaanil(C)?
Sprong (C) hij niet op van vreugde, toen gij hem
dat nieuws verteldet 9)? Ik verzoek 10) u de deur
of het venster te openen. Met 11) welke waardig-
heid is hij bekleed? Waimeer zult gij ons die
koopwaren zenden? Wanneer zal luj de toestemming
verkrijgen om 12) uil te gaan? Wanneer zult gij
0|< reis gaan? Wij stralïen degenen, die de 13)
orde der school overtreden.
1) corriger. 2) projet, iii. 3) déranger. 4) partager.
5) pour. 6) acheter. 7) avancer. 8) hors de. 8') départ, m.
9) raconter. 10) prier. 11) De. 12) de. 13) vertaalt:
aan de.

VEERTIGSTE LES
Alvorens wij nu de overige werkwoorden gaan be-
handelen , zal ik u eens leeren, hoe de werkwoorden
naar hunnen aard en hunne eigenschappen onder-
scheiden worden.