Boekgegevens
Titel: De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Deel: 3e stukje
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1856
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4679
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200806
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
94
Zoo ook vervoegt mtw tenir, houden, en al de za-
inensleilingen van tenir en venir, als daar zijn:
prévenir, voorkomen. retenir, onthouden.
appartenir, toebehooren. obtenir, verkrijgen
^devenir, worden. entretenir, onderhonden.
*revenir, wederkomen. contrevenir à, overtreden.
*parvemr , geraken. "^convenir, overeenkomen.
détenir, vasthouden. disconvenir de., ontkennen.
"^surveniry onverwachts "^se soutenir^ zich staande
koihen. liouden.
maintenir, handhaven. "^intervenir, tusschen beiden
komen.
soutenir , ondersteunen. contenir, inhoudeii.
'^se souvenir, zich herin- "^provenir, voortkomen,
neren.
*s'abstenir , zich onthouden.
*se ressouvenir, zich te binnen brengen.
De werkwoorden, nïet een sterretje geteekend,
worden met être vervoegd.
OEVEIVINGEIV.
1.
Dit boek behoort aan mijnen broeder. Hij komt
als wij hent roepen 1). Wanneer komt gij weder?
Zij onderhouden hunne moeder. Wij ondersteunen
dien man. Men hield den dief vast (C). Die veld-
heer handhaafde de tucht 2) in het leger. Zij hielden