Boekgegevens
Titel: De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Deel: 3e stukje
Auteur: Hoeven, A. van der
Uitgave: Amsterdam: J.M.E. Meijer, 1856
4e verb. dr
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4679
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200806
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   De beginselen der Fransche taal gemakkelijk gemaakt voor jonge kinderen
Vorige scan Volgende scanScanned page
91
ACHT EN DERTIGSTE LES.
Onregelmatige Weriiwoorden in FKIR,
en VRIK.
Offrir, aanbieden; avoir offert, offrant, offert.
A. Offre, offres, offre; offrons, offrez, offrent.
B. Offrais. — C. Offris. — D. Offrirai. — E. Offrirais.
F. Offre, offres, offre-, offrions, offriez, offrent.
G. Offrisse. — 1!. Offre, qu'il offre, etc.
Op dezelfde wijze vervoegt men: souffrir, lijden of
dulden; ouvrir, openen; couvrir, dekken; rouvrir,
weder openen; découvrir, ontilekken; ent,r' ouvrir,
halfopenen; recouvrir, weder bedekken; me'soffrir,
onder de waarde bieden. Ai deze werkwoorden ein-
digen op frir oï vrir, okchonu appauvrir, verarmen,
er niet toe behoort, en regelmatig is.
Belialve in hel participe passif en hel enkelvoud van
den présent de Vindicatif, worden deze werkwoorden
eveneens vervoegd als dormir.
OEFEIWinrGEi'V.
1.
Ik bied u mijne vriendschap aan. Opent gij de deur
of het venster? Wij openen de deur weder. Men
heeft de kerkdeuren geopend. Columhus 1) heeft