Boekgegevens
Titel: Vader Jacob en zijne kindertjes: een schoolboekje
Auteur: Heijningen Bosch, M. van
Uitgave: Amsterdam: W. Brave, ca. 1832 *
27e dr; 1e uitg. 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4515
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200779
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vader Jacob en zijne kindertjes: een schoolboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
C 75 )
wd wezen, nadenken? En toen ik vader zag
aankomen , dacht ik: nu zal ik vader vragen,
V/at nadenken is.
Vader. Nu — juist dat is nadenken.
Wanneer men wat gehoord, of gezien, of ge-
lezen heeft; en dat niet aanftonds weêr ver-
geet, maar achter ra denkt: „ wat zou dat
wel wezen? wa..r zou dat toe dienen? en
zoo al voort," dan heet dit achter na den-
ken, bij verkorting, nadenken.
Jozef, Hal nu begrijp ik het. Dank,
lieve vader!
Maar nog iets! vader zei verleden eens:
„ men moest de dieren niet noodeloos fuiart
aandoen." Den volgenden dag vertelde on-
ze JAN mij, dat hij een nestje met jonge vo-
geltjes wist. „ Nu zal ik dat nestje uitha-
len ," zeide hij, „ en de vogeltjes in een
kooitje zetten."
Maar ik dacht: de arme moeder! wat zal
zij bedroefd zijn, als zij hare kindertjes
zoekt, en ze niet weêr kan vinden. Wij
hebben hare kindertjes niet noodig. En vader
heelt