Boekgegevens
Titel: Vader Jacob en zijne kindertjes: een schoolboekje
Auteur: Heijningen Bosch, M. van
Uitgave: Amsterdam: W. Brave, ca. 1832 *
27e dr; 1e uitg. 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4515
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200779
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vader Jacob en zijne kindertjes: een schoolboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
( 46 ■)
32. DIE ACHTERUIT RAAKT,
MOET INHALEN.
Ki.aas ging met zijn' vader naar een na-
burig dorp. De vader van klaas ging ge-
ftadig voort; maar klaas bleef gedurig (lil
ftaan. In het eerst, wachtte zijn vader hem;
nraar toen klaas zoo dikwijls ftaan bleef,
ging de man voort. Daar door raakte klaas
eindelijk een heel end achter \iit.
O dacht klaas , ik zal vader wel weêr
inhalen. In die gedachten, ging hij wat fchie-
lijker voort. Maar zijn vader ging ook voort.
Daardoor was en bleef klaas achteruit. Ein-
delijk moest hij op' een drafje loopen, om
weêr bij zijn' vader te komen. Toen hij weêr
bij zijn' vader was, kon hij pas fpreken;
zoo was hij buiten adem. Hoe zacht zijn va-
der nu ook ging, het viel klaas nog altoos
lastig.
Zoo als het klaas ging, gaat het alle kin-
dertjes, die fomwijlen van fchool afblijven.
Die weg blijft, raakt achter uit, en moet de
anderen v/eêr inhalen. En dat inhalen gaat
altoos moeijelijk,
V\'at