Boekgegevens
Titel: Vader Jacob en zijne kindertjes: een schoolboekje
Auteur: Heijningen Bosch, M. van
Uitgave: Amsterdam: W. Brave, ca. 1832 *
27e dr; 1e uitg. 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4515
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200779
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vader Jacob en zijne kindertjes: een schoolboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
.( 13 )
V»' nu eens lioorcn, hot. het kindertjes gmt,
die hun eigen hoofdje volgen^ (♦)
Daar ftond willem ! De kleur floeg hem
uit en in. Hij kon geen woord uitbrengen.
Hoe meer meester hem aanzette, des te meer
werd hij verlegen. Eindelijk riep meester het
Jileinfte meisje van de heele fchool. En tom
TOoest WILLEM zien, dat het kleinfte meisje
hem befchaamd maakte.
: De geheele fchool lachte hem uit. Maar
-weet gij 9 wat meester zeide ?
r: „Ziet gij wel, willem ?" zei meester,
die een ander zoekt te bedriegen, bedriegt
zich zeiven het meest."
Vader jakob.
9, HET BOTER DIEFJE.
„ Jakob ! gij moet zoo veel boter niet
„ etenzei zijne moeder dikwijls tegen hem.
^ Waarom niét, moeder ?" vroeg jakob dan.
„ De boter is duur," antwoordde zijne
moeder, en, behalve dat: al te veel is on-
„ gezond."
Maar jakob kon niet gelooVen, dat zijne
moeder gelijk had, en at, als mpeder her niet
zag, nog meer boter.
Op
(*) Zie den kl. Kindervriend.