Boekgegevens
Titel: Vader Jacob en zijne kindertjes: een schoolboekje
Auteur: Heijningen Bosch, M. van
Uitgave: Amsterdam: W. Brave, ca. 1832 *
27e dr; 1e uitg. 1805
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: Obr. 4515
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200779
Onderwerp: Communicatiewetenschap: lezen
Trefwoord: Lezen, Leermiddelen (vorm)
* jaar van uitgave niet op de gebruikelijke wijze verkregen, mogelijk betreft het een schatting
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Vader Jacob en zijne kindertjes: een schoolboekje
Vorige scan Volgende scanScanned page
( " )
Brandt op maar! brandt op maart
Gif deugt voor ons niet.
Hoe mooi gij maogt lijken^
Gij geeft maar verdriet.
Nu v/armen y/e ons aan «,
Efi zingen er bif:
„ Wij villen geen fpeelgoed,
^ Zoo fehaad'lifk als gy.''
willem.
7. HOE MEN ZICH ZELF
BEDRIEGEN KAN.
Toen GRIETJE eerst aan het fchrijven kwam ,
liet zij zich, als öieester het niet zag, door
andere kinderen de hand fturen. Wanneer
meester dan haar fchrift zag, prees de goe-
de man haar heel fterk. Maar, dat onnoo»
zele bloedje! zij begreep niet, dat zijdaar
meê zich zelve het meeste bedroog. Toea
naderhand die kindertjes haar niet langer,hel-
pen wilden, werd zij verlegen. Gedurig kreeg
zij nu zwaarder voorfchriften : maar, in plaats
van aan te leeren, fcheen zij eiken dag achter uit
te leeren; want dat zij nu fchreef, was haar
eigen werk. Meester meende j dat zij te on-
oplettend was, en wel beter kon, maar niet
be.