Boekgegevens
Titel: Premières lectures françaises: Fransch leesboek voor de lagere klassen der hoogere burgerscholen enz.
Auteur: Herrig, Ludwig; Helderman, D.J.
Uitgave: Deventer: A. ter Gunne, 1871
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-353
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200765
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Leesvaardigheid, Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Premières lectures françaises: Fransch leesboek voor de lagere klassen der hoogere burgerscholen enz.
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 223 —
vernemen, fléau, m., plaag, v., geesel, m. respecter, ontzien; eerbiedigen, midi, m., zuiden,
O.; middag, m. orient, m., oosten, o. réflexion, f., overleg, nadenlcen, o. traverser, doorloo-
pen, doortrekken. ^ Vwii^, f., hut, v. chaume, m., stroo, o., stoppel, m. argile, t., leem, o.,
klei, v. individu, m., individu, mensch, m. pâle, bleek, languir, kwijnen, vermageren,
smachten, dessécher, uithongeren; uitdroogen. effrayer, verschrikken. Lorraine, Lothanngen.
soudain, plotseling, frapper, treffen; slaan, spacieux, se, ruim. vigoureux, se {van vigueur, f.,
kracht, v.), krachtig, sterk, leste, vlug; vaardig, domination, f., gebied, o.; regeering, v.
Bladz. 21.
\
ermitage, m., kluizenaarshut, v. solitaire, m., kluizenaar, m. genre, m., soort, wijze, v.;
genre de vie, levenswijze, v. ermite, m., kluizenaar, m. grossier, ière, grof, ruw. ignorance,
f., onwetendheid, onkunde, v. bouquin, m., oud boek, o. abrégé, m. {van abréger, verkorten),
kort begrip, uittreksel, o. silence, m., stilte, v., stilzwijgen, o. bois,- m., bosch; hout, o.
notion, f., begrip, o.; prendre des notions, begrippen krijgen, à Taide, met behulp, tube, m.,
buis, v. roseau, m., riet, o. chêne, m., eik, eikebaom, m. observatoire, m. {van observer,
waarnemen), sterrewacht, v. brûler, branden, plus . t . plus, jioe meer . . . des te meer.
finance, f., gereed geld, geldmiddel, o. répondre, beantwoorden, suppleer, aanvïillen; suppléer
h qch., in iets voorzien; suppléer qn., iemand vervangen, iemands plaats vervullen, s'aviser,
op de gedachte komen, au risque de, op gevaar af. prendre houden; nemen, braconnier, m.,
strooper, m. déclarer, verklaren, guerre, f., oorlog, m. fourrure, f., pels, m. chasse, f.,
jacht, v. ennoblir, veredelen, motif, m., beweegreden, v. incroyable, ongeloofelijk. lutte, f.,
strijd^ m. soutenir, doorstaan, uithouden, sauvage, wild, sang, m., bloed, o. constance, f.,
volharding, v. quarantaine, f., veertigtal, o. s'accroître, aangroeien, toenemen, volume, m.,
boekdeel, o. garde-robe, f., voorraad van kleederen. sarrau, m., kiel, m. toile, f.,
linnen, o. laine, f., wol, v. sabot, m., klomp, m. ajustement, m. {van ajuster, van pas ma-
ken, opschikken), kleeding, v. entourer, omringen, omgeven, selon, naar, volgens, usage, m.,
gebruik,^ o., gewoonte, v. aborder qn., iemand aanspreken, appareil, m., toestel, o., vertoo-
ning, v. y entendez-vous qch.? verstaat gij er iets van? où en êtes-vous? waar zijt gij aan
toe? reprendre, hervatten; antwoorden, plus à votre portee, meer onder uw bereik, indiquer,
aanwijzen, investir, bezoeken-, omringen, insluiten, cortège, m., stoet, m., gevolg, o. hésiter,
aarzelen, accepter, aannemen, à la condition, op voorwaarde, formel, le, uitdrukkelijk, be-
paald. s'attacher qn., iemand aan zich verbinden, nommer, noemen, benoemen, leçon parti-
culiere, privaatles, v. moyen, ra., middel, o. rétablir neuf, zoo goed als nieuw herstellen.
lors de, tijdens, ten tijde van. cession, f., afstand, m. proposition, f., voorslag, m., voorstel,
O. appeler, roepen; beroepen, médaille, f., gedenkpenning, m. empereur, ra., keizer, m.
considération, f., aanzien, o. de la part, van de zijde van, vanwege, impérial, e, keizerlijk.
âgé de, in den ouderdom van.
43. exhaler, ontboezemen, sanglot, m., snik, m. soudainement, adv. van soudain, e,
plotseling, perte, f. {yan perdre, verliezen), verlies, o. couler, vlieten, vloeien, guide, ra.,
gids. support, ra., steun, m, angoisse, f., angst, m. angoisse de coeur, zielsangst,m. visage, m.,
gelaat, o. torrent, m., stroom, ra. ruisseler {yan ruisseau, ra., beek, v.), vloeien, cieux, pl.
van ciel, hemel, m.
Bladz. 22.
mendiante, f. {van mendier, bedelen), bedelares, v. rejeter, verwerpen; afslaan.
feuillage, m. {van feuille, f., blad, o.), lommer, gebladerte, o. pardonner, vergeven, gourmand,
e, lekker, gulzig, gronder, beknorren, importuner qn., iemand lastig vallen, rire, lachen (je
ris, nons rions; je ris; je rirai; ri), as^pect, m., aanblik, m. attrister, treurig maken, be-
droeven. chansonnette, f. {van chanson, t., lied, o.), liedje, o.
laborieux, se, werkzaam, bien rempli, e, wel besteed, chandelle, f., kaars, v.
savon, m., zeep, y. presser, dringen, associer, verbinden, de bonne heure, vroegtijdig, pren-
dre'goût pour qch., lust in iets hebben, profession, f., beroep, o. intelligence, f., verstand, o.
demande, f., verzoek, o. apprentissage, m., leer, v., leertijd, ra.; mettre qn. en apprentissage,
iemand, in de leer doen. coutelier, m. {yan couteau, m., mes, o.), messenmaker, m. exécuter,
verrichten, uitvoeren, suite, f., gevolg, o., reeks, v. opération, f., bewerking, v. varier,
veranderen, sourire, glimlachen; sourire à qn., iemand toelachen, satisfaire, bevredigen, voldoen.
des livres eussent fait son affaire, boeken zouden zijne zaak geweest zijn. déterminer, doen be-
sluiten. solliciter qch., om iets verzoeken, imprimeur, ra., drukker, boekdrukker, m. accorder.