Boekgegevens
Titel: Premières lectures françaises: Fransch leesboek voor de lagere klassen der hoogere burgerscholen enz.
Auteur: Herrig, Ludwig; Helderman, D.J.
Uitgave: Deventer: A. ter Gunne, 1871
Auteursrechten: Zie auteursrechten
Citeerinstructie: Bijzondere Collecties van de Universiteit van Amsterdam, UBM: NO 09-353
URL: https://schoolmuseum.uba.uva.nl/bookid/LCSM_200765
Onderwerp: Taal- en letterkunde naar afzonderlijke talen: Franse taalkunde
Trefwoord: Leesvaardigheid, Frans, Leermiddelen (vorm)
Bekijk als:      
Scan: Afbeeldinggrootte:
   Premières lectures françaises: Fransch leesboek voor de lagere klassen der hoogere burgerscholen enz.
Vorige scan Volgende scanScanned page
— 222 —
steldheid, v. établir, vestigen; siicUen. partager, deelen. mélange, m. {van méler, mengen)^
menging, inmenging; mengeling, v.; sans mélange, zuiver, onvermengd, recherche, f., nasporing,
navorsching, v. continuel, le, voortdurend, bestendig, découvrir, ontdelcTcen. dérober, onttrehlcen;
berooven. reconnaissance, f., dankbaarheid, erkentelijkheid, v. rencontrer, ontmoeten, tutélaire,
beschermende Dieu tutélaire, beschermgod, prononcer, zeggen, uitspreken, connaissance, f,, kennis, v.;
bewustzijn, o.; sans connaissance, bewusteloos, s'empresser, zich haasten, se méprendre, zich
vergissen; dwalen, vous ne sauriez me connaître, gij kunt mij niet kennen, éclairer, inlichten;
verlichten, lumières, f. pl., inlichtingen, v. m. libérateur, m., bevrijder, m. sauveur, m.,
redder, m. refuser, weigeren, se refuser à qch., zicU aan iets onttrekken, graver, inprenten,
graveeren. -de grâce, ik bid u; {letterlijk: uit genade), violence, f., geweld, o. il lui faisait
une sorte de violence, hij deed hem als H ware geweld aan. entraîner, voortslepen, medeslepen,
assembier, verzamelen, vergaderen, grave, ernstig, ferme, vast, scène, f., tooneel, o., vertoo-
ning,^\. fatiguer, vermoeien, ressemblance, f-, gelijkenis, v. occasionner, veroorzaken, aanlei-
ding geven tot. altérer, storen; veranderen ; bederven, résistance, f., wederstand, m. inflexible,
onbuigzaam, onverbiddelijk, tribut, m., loon, o., dank, m., schatting, v. réserver, bewaren;
besparen, sensibilité, f., gevoel, o., gevoeligheid, v. salut, m., geluk, heil, o. se faire
violence,^ zich geweld aandoen, s'attendre à qch., iets verwachten, op iets voorbereid zijn.
réunir, vereenigen', inspannen, séduction, f., verleiding, v. jouissance, f., genot, o.
Bladz. 20.
délicieux, se, heerlijk. m., pijl, m. disparaître, eJ^r^f/^z^W». nota,brie fje^o. livre,
f., pond, 0.; (livre, oude fransche munt — 1 Franc), demander compte de qch. à qn., iemand
van iets rekenschap vragen, dernier, ière, laatste, curiosité, f., nieuwsgierigheid, v. bâtonner,
doorhalen, chifibnner i^an chiffon, vod, lomp, v.), ineenfrommelen, destiner, bestemmen.
fameux, se, beroemd, conformément, volgens, overeenkomstig. baron, m., baron, vrijheer, m.
mortier, m., mortel, kalk, m.; vroeger: ronde muts van een president van H parlement, parle-,
ment, m. {van ])0,Y\eY), parlement, o.; hoogste gerechtshof {in Frankrijk), illustre, beroemd.
41. autrefois, eertijds, voorheen; eens. rat de ville, huisrat. champ, veld, akker, façon,
wijze, manier, civil, e, beleefd, reliefs, m. overgeschoten brokken {van vleesch of andere spijzen).
ortolan, ortolaan {soort van vink), couvert, couvert, bord met toebehooren. Ie couvert se trouva mis,
stond het eten gereed. xé^Bi, feestmaal, gastmaal, o, howaèta, fatsoenlijk, beleefd, eerlijk, manquait,
imp. ind. van manquer, ontbreken, troubla, passé déf. van troubler, storen, verontrusten, être en
train, bezig zijn, aan den gang zijn. bruit, m., geraas, gerucht, o. détale, ind. prés. détaler,
vluchten, zijn biezen pakken* suit, ind. prés. van suivre, volgen, cesse, ind. prés. van cesser,
ophouden, se retirer, zich terugtrekken, terugkeeren. en campagne =: en route, op weg. aussitôt,
terstond, citadin, m. {van cité, stad), stedeling, m., huisrat, v. de dire = disait, imp. ind.
van dire {zeggen), rôt r= rôti =: dîner, m., gebraad, o., maaltijd, m. rustique, m,, boeren-
kinkel, landbewoner, m., veldrat, y. se piquer de, zich beroemen op, wedijveren met. inter-
rompre, in de rede vallen, afbreken, storen, hinderen, à loisir, op zijn gemak, dood bedaard,
fi de, weg met. crainte, f., vrees, v. corrompre, bederven.
laboureur, ra., landbouwer, landman, m. orphelin, m., wees, weesjongen, m.
obliger, noodzaken, fermier, ra., boer, pachter, m. garder les brebis, de schapen hoeden.
hasard, m., toeval, o.; au hasard, op goed geluk, affreux, se, verschrikkelijk, en pleine cam-
pagne, in 't open veld. haillons, va. pl., lompen, v. m. demi-mort, halfdood, petite vérole,
f., kinderpokken, v. in. violence, f., hevigheid, v. saison, f., jaargetijde, o. retraite, f.,
schuilplaats, v. étable, f., koestal, m. tas, m., hoop, m. fumier, m., mest, m. ensevelir,
begraven; bedelven, chaleur, f., warmte, v. dégourdir, de verkleumdheid doen verdwijnen,
faciliter, bevorderen, gemakkelijk piaken. éruption, f., uitkomen, o., {der pokken), il ne tarda
pas à être couvert, hij was weldra bedekt, bouton, m., puist, pok, v.J il manquait de, hij had
gebrek aan. saisir, aantasten, aangrijpen, excès, m., overmaat, y. compassion, f., medelijden,
O. engager qn. à qch., iemand tot iets bewegen, moribond, e, stervend, boisson, f. {van
boire, drinken), drank, m. glacer {van glace, f., ijs, o.)-, doen bevriezen,, eau glacée, ijskoud
water, bouillie, f. {van bouillir, koken), soep, pap, v.; bouillie à l'eau, watersoep, à peine,
nauwelijks, saler {van sel, m., zout, o.), zouten, quelque . . . que, hoe . . . ook {regeert' den
subjonctif), transporter, vervoeren, overbrengen, méchant, e, ellendig, armzalig, foin, m.,
hooi, O. curé, m., pastoor^ ra. voisinage, m., nabuurschap, buurt, v. être près de, op het
punt zijn van. expirer, sterven, essuyer, ondervinden, doorstaan-, afvegen, en route, onderweg,
guérir, genezen {gezond worden en gezond maken), désoler, verwoesten, contrée, f., streek, v.
asile, m., toevluchtsoord, o. ne sachant où donner de la tête, niet wetende waarheen hij gaan
zou, wat ie beginnen, waar hij zijn hoofd zou nederleggen. s'informer, onderzoeken, vragen.